‘Je wilt toch dat de boel er netjes bij ligt’

Een nog voor veel Aalsmeerders onbekend stukje groen, waar je op de drukke Oosteinderweg snel voorbij rijdt. Toch is het de moeite waard hier eens rond te lopen en te genieten van het volop aanwezige groen, de vele vogelgeluiden en de verrassende hoekjes met planten. Verslaggeefster en fotograaf kregen een rondleiding van Piet Rinkel, de 83-jarige tuinman die er al vele jaren zorgt voor het onderhoud.
Er valt die ochtend een zacht, aangenaam en mals regentje. Met de Gedichtenpresentatie die in deze weken plaatsvindt op het Boomkwekerskerkhof schiet mij hier, op dit kerkhof bij de Oud-Katholieke kerk in Oost, mijmerend tussen de stenen en het groen, het uit 1926 daterende bekende gedicht van Pieter Nicolaas van Eyck: ‘De tuinman en de dood’, zich afspelend in Ispahaan, in gedachten. Het past ook wel bij een gebeurtenis die in 1855 hier op deze plek plaatsvond. Twee dagen, nadat het kerkhof was ingewijd door de bisschop van Haarlem en de eerste pastoor van de kerk, stierf Bertus Rinkel, een van de kerkleden en een van de voorvaderen van de gesprekspartner van deze ochtend.
De levendig pratende actieve Piet Rinkel zet ons snel terug in het heden en hij wijst ons op details van het nu al vele jaren onder zijn beheer vallende kerkhof.
“Zoals vrijwel alle Rinkels in Aalsmeer was mijn familie ook lid van de oud-katholieke kerk, evenals de Molemannen en de Brouwers. Velen van hen liggen hier begraven. Mijn vader was een echte Farregatter, mijn moeder een Zeeuwse die dienstbode was bij dokter Oei. Mijn ouders liggen hier ook begraven.” De kwieke Rinkel neemt ons mee naar de graven van zijn ouders. “Er is hier naast ze nog een plekkie vrij maar ik hoop nog een poosje hier de tuin te kunnen onderhouden, hoor”.
Kleine gemeenschap
Rinkel is een enthousiast verteller die niet om woorden verlegen zit.“Mijn vader was timmerman, we waren met acht kinderen. Ikzelf werkte 38 jaar lang als chauffeur op de auto van drankenhandel Kommer Baarsen. Ja, ik ben mijn leven lang betrokken geweest bij de oud-katholieke kerk, ben ook nog lid. Het is een kleine gemeenschap, is ook steeds kleiner geworden zoals ook veel andere kerkgenootschappen. Zoals vroeger, toen er iedere week op zondag kerkdienst werd gehouden, nee, die tijd is echt voorbij. Er is ook geen pastoor meer. De laatste (Pastor Jacob Spaans red.) is vorig jaar gestorven en ligt hier begraven. We hebben nu maandelijk een dienst en ook worden hier regelmatig russisch-orthodoxe en roemeense kerkdiensten gehouden.”
Maar iedere dinsdag bent u hier om in uw eentje de tuin te onderhouden en dat het hele jaar door. “De kerk maakt een deel uit van mijn leven en dus ook de tuin en het kerkhof. Ik ben hier gedoopt, was er misdienaar, werd hier aangenomen. Ik ben ook altijd oud-katholiek gebleven. En (brede armzwaai) voor mij is het eigenlijk hier om de hoek, want ik woon hier dichtbij op de Oosteinderweg.”
Wielrenner
Een echte Farregatter, zegt hij trots die in het verleden ook bekendheid genoot als “een goeie wielrenner” en een trouw lid van De Bataaf uit Zwanenburg.. “Ik ben al jarenlang erelid van De Bataaf. We hebben nog meer ereleden hoor. Eentje wordt deze maand 96 jaar en geeft een etentje. Ja, daar ga ik natuurlijk naar toe. Het beroepswielrennen is al lang verleden tijd voor mij, maar ik ga nog wel elke woensdag naar De Bataaf toe. Je wil toch niet stil zitten, dus na het overlijden van mijn vrouw Alie ben ik het onderhoud van de tuin blijven doen. En dan help ik ook elk jaar mee aan de jaarlijkse schoonmaakbeurt van het Oosterbad. Een prachtig bad waarin zovelen zwemmen hebben geleerd.”
Hij ontkent niet dat het “een hele lap” is die hij wekelijks onder handen heeft.
“En je wordt steeds ouder, he. Ik doe alles: gras maaien, vuil uittrekken, snoeien, nou ja, alle werkzaamheden die bij het onderhouden van een tuin nodig zijn. En zeker op een kerkhof wil je dat de boel er netjes bij ligt.”
Jonge vrijwilligers melden zich zelden aan, zegt Rinkel, “ja, sinds vorig jaar heb ik een enthousiaste jongeman uit Bovenkerk. Nee, geen kerklid, hij is katholiek, maar hij wil graag helpen in de tuin.”
Je onderhoudt hier niet een normale tuin, zegt Rinkel, je bent wel bezig op een kerkhof. (ineens stil) “Altijd als ik met de grasmachine langs de graven van mijn vader en  moeder ga zeg ik effetjes, dag Klaas, dag Jannetje. Ja, dat ben je zo gewend. Ik ben hier gedoopt en wil hier ook begraven worden. Ik ga ook nog naar de kerkdiensten en spreek ook vaak de bisschop. Joviale man, ik mag hem bij zijn voornaam noemen.”
Rinkel zegt dat nazaten van de hier begraven gemeenteleden hem wel eens vragen op de sterfdag van hun geliefden even een bloemetje neer te leggen bij de betreffende graven. “Nou, dat doe ik dan wel, de familie kan zelf niet altijd langs komen.”
We staan stil bij het graf van de hier vorig jaar oktober begraven Jacob Spaans“Die wordt met name nog veel geëerd door de Roemenen die hier naar de kerk komen.
Egeltjes en eekhoorns
Trots toont Rinkel ons de 100 jaar oude kastanjeboom die het vorig jaar deels begaf, wijst ons vervolgens op de monumentale berkenboom aan de weg en zegt dat hij geniet van zijn werk: ”Er lopen hier egeltjes en eekhoorns, ik zie hier ara’s, van die grote parkieten uit het Amsterdamse Bos. Ach mens, dit is zo’n mooi stukje Aalsmeer dat maar weinig mensen kennen. Ik ben blij dat ik hier mag bezig zijn, want achter de Geraniums zitten, daar voel ik nog niks voor.”
Tekst: Leni Paul, foto’s Jaap Maars
(advertentie)

Lees vorig bericht

Urbanusparochie in zak en as

Lees volgend bericht

Foto 208: verzin en win…


2 Reacties

  • […] Klik hier voor het in 2018 op AalsmeerVandaag verschenen interview met Piet Rinkel. […]

  • Wat een geweldig artikel en wat een prachtig mens, die Piet Rinkel. Hij mag zeker wel eens een onderscheiding krijgen!

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *