Column: ‘Wat een vervelende leerkrachten’

De columnist van deze week kan zich niet helemaal vinden in de jubelende reacties onder onze wekelijkse rubriek ‘De juf/meester van toen..’. Hij heeft hele andere ervaringen met zijn leerkrachten uit het verleden. Of dat nu lag aan de juf of meester in kwestie of aan hemzelf, laten we even in het midden. Het gros wist in elk geval geen raad met hem, maar dat heeft zijn eigenzinnigheid gelukkig nooit weten te beteugelen.

Door: Joop Kok. Iedere zondag lees ik het weer opnieuw: Ze leerden je liefde voor lezen. Lieten je zien hoe je moest rekenen met breuken en vertelden hoe de Napoleon de slag bij Waterloo verloor. Eén en al positiviteit over de juf en meester van toen. De reacties, toegegeven ik lees ze niet allemaal en ik zit niet op facebook, stralen datzelfde gevoel uit. Er is niemand die reageert van: Wat een vervelend mens was dat. Het lijkt wel alsof we nog steeds in de vijftiger jaren verkeren,  waar de pastoor, de dokter en de meester een status van onschendbaarheid hadden. 

De Sint Antoniusschool in 1957

Toen in Nieuw Oosteinde een schoolmeesterswijk werd onthuld waar acht straten een schoolmeesters-naam kregen, vroeg ik me al af of iedereen zich daar wel in kon vinden? Was er niemand die beslist niet door een straat wilde rijden met de naam van een meester die hem in zijn dromen nog steeds achtervolgde? Ik kon het me niet voorstellen. Ik hield toen wel mijn hart vast, ik was bang dat er tegen dit mannelijke overwicht bezwaar zou worden gemaakt en dat er een juf bij moest. Wat als dit mijn juf van de kleuterschool zou zijn? 

Antonius kleuterschool
Ik groeide op in een Kudelstaart van 1400 mensen, een Bilderdammerweg die met warm weer met water tegen het stof werd besprenkeld, waar de koeien soms in de tuin stonden en met een uitzicht tot aan de Banken. Net als de meeste Kudelstaarters was ik katholiek en ging ik naar de Sint Antonius kleuterschool aan de Kudelstaartseweg tegenover de fietsenzaak. Het was ruimtelijk gezien niet echt een onderdeel van de basisschool. De gymzaal, die tevens gebruikt werd voor festiviteiten en toneel-voorstellingen lag daar tussen. Het ‘lokaal’ lag wat verhoogd, ideaal als podium en daaronder, in het souterrain was ruimte voor opslag van stoelen, decorstukken en verkleedruimte. In de zestiger jaren een ideale combinatie van ruimtes voor beatsociëteit The Madness. 

Joop links middelste rij, met daarboven zijn eerste ‘grote liefde’

Tussen spinnenrag en stoelen
Zover was het nog niet, ik werd door mijn moeder naar school gebracht en na veel tranen, in ieder geval van mij, liet ze me achter. En daar onderging ik één van mijn eerste trauma’s. Ik was als kind beweeglijk, creëerde al vroeg een eigen wereld en had moeite om me aan te passen. De juf wist daar wel raad mee. Tegen de beweeglijkheid werd ik vastgesnoerd aan mijn stoeltje en om mijn eigen verbeeldingswereld te breken, werd ik in het souterrain gestopt. Midden tussen spinnenrag, stoelen en tafels. Eerst nog samen met een klasgenootje, later in mijn eentje. Ik zie me nog als kind op de trap zitten starend naar het door lichtspleten omkaderde luik waar de juf zich met haar bureau op had geplaatst. Toch bloeide in al die ellende ook iets moois, ik werd verliefd. Jarenlang had ik het beeld in mijn hoofd van een ‘meisje’ met twee blonde staartjes, een paarse cape en wij samen hand in hand lopend over het schoolplein. Een foto hielp me uit mijn droom, ze was niet blond, had geen staartjes, maar wel een ontzettend leuke strik in haar haar. Of mijn verhaal klopt dat we ooit samen hand in hand liepen, geen idee, ik kan het haar niet navragen, ze was ineens vertrokken. 

Ze wist geen raad met me
Na de juf van de kleuterschool, die van de eerste klas, ze wist geen raad met me. Een beweeglijk en wat eigenzinnig kind dat zo nodig aan zijn klasgenootjes wilde uitleggen hoe ze met het nieuw geleerde moesten omgaan. Wat doe je  daar mee als leerkracht? De juf was nog jong en als ik naar vroegere foto’s kijk zat ze wat strak in het ‘vel’. Zo dacht ze ook over het onderwijs, alles geheel volgens  de regels. Vele jaren later kwam ik haar tijdens een reünie tegen, ik stelde me voor en kreeg meteen de wind van voren. Je bent architect? Ja dat past wel bij zo’n eigenzinnig type. Als iemand dat zegt, zou je er trots op kunnen zijn, maar niet zoals zij het bracht, ik voelde opnieuw de kilte van vroeger. Geen enkele interesse in wie ik was geworden of wat mij bezielde. Voor mij was zij het voorbeeld van vooringenomenheid zoals ik dat later in de politiek ook wel tegenkwam 

Verliefd op de juf
Gelukkig heb je met zo’n juf maar een jaar te maken en krijg je daarna nieuwe kansen. En dat pakte wonderwel goed uit, opnieuw een juf en op een kinderlijke manier werd ik verliefd op haar. Voor haar ging ik met plezier naar school. Toen ik er later met mijn moeder over sprak hoe dat kon zei ze dat ze me accepteerde zoals ik was, ze liet me mijn gang gaan in de klas. 

Mooie verhalen
Na haar worden mijn herinneringen wat troebel. Het krijgt weer kleur bij een schoolmeester die met een uit Kudelstaart afkomstige juf trouwde. Hij kon zo mooi vertellen, uit het hoofd, iedere week weer zag ik uit naar het vervolg. Ik had een vader die hield van verhalen, maar was daar zelf wat minder goed in. Deze meester liet me zien hoe fascinerend een verhaal kan zijn en na afloop van een dorpswandeling moet ik altijd even aan hem denken en vraag ik me af of ik mijn publiek net zo heb weten te boeien zoals hij mij dat deed. Later zou ik voor hem en zijn vrouw een verbouwingsontwerp maken voor een woonhuis dat ze in het plaatsje Noorden aan het water hadden gekocht.

Meester Zwarthoed
In de laatste klas, kreeg ik te maken met meester Zwarthoed, iemand die zich geheel en al gedroeg als het beeld dat men toen had van een schoolmeester: de alwetende. Hij was niet bij een ieder geliefd, maar mij was hij goed gezind, misschien mede omdat in die tijd mijn vader een huis voor hem bouwde. De eerste schooldag stond ik al vroeg bij de schooldeur om zo gauw die open ging de dichtstbijzijnde plek bij de deur te veroveren. Als je daar zat, kreeg je de sleutel van de deur en mocht je, als er gebeld werd, de gasten ontvangen. Het lukte me. Daarnaast had ik het privilege, dat als er getrouwd of begraven werd, ik alle ruimte kreeg om de pastoor te assisteren. Ik deed dat met plezier, zelfs een begrafenis, na een aantal keren wijkt de angst voor de dood en kun je je amuseren om het uniforme menselijke gedrag.   

Joop steekt boven iedereen uit

Melancholie
De vraag naar welke vervolgschool ik zou gaan, lag voor mij wel vast, ik wilde net als mijn vader aannemer worden. Ik kan niet zeggen dat hij dat stimuleerde, vergeleken bij mijn jongere broer was ik onhandig. Het zou de ULO worden, totdat de schoolarts aangaf dat ik wel naar het atheneum kon. Dat vonden mijn ouders net iets te hoog gegrepen, het werd het KKC in Amstelveen. Om dat realiseerbaar te maken, moest ik nog wel wat  bijleren. Extra lessen van Zwarthoed en Franse les in de school van Wiebenga. Het toelatingsexamen was peanuts, dankzij Zwarthoed. Het afscheid van school viel me zwaar, toen ik op mijn nieuwe fiets langs fietste, realiseerde ik me dat er in mijn leven voorgoed een periode was afgesloten, ik werd overvallen door een diep gevoel van melancholie.

        

Lees vorig bericht

Vacature kasmedewerker rozen

Lees volgend bericht

Foto 354: verzin en win


3 Reacties

  • Ben tien jaar bewonersvertegenwoordiger geweest voor Aalsmeer met betrekking tot Schiphol. Er werd een bijeenkomst georganiseerd in het buurt huis vanuit het C.D.A. in Kudelstaart inzake Schiphol. De bijeenkomst werd geopend met gebed door ik meen de pastor. Ik dacht dat kan wat worden. Verbazing mijnerzijds het verhaal van de pastor; wie wil koning worden, de vruchtenboom ik niet ik moet vruchten dragen. De loofboom; ik niet moet schaduw geven. Het doornen bosje wierp zich op voor Koning.
    Een verhaal dat de politiek in z’n zak kan steken.
    Ik bedoel maar. Het is niet meer 50 jaar geleden.

  • De column van Joop roept bij mij een verhaal op van Chris, medeleerling van mij op het Alkwin, dus zo’n 50 jaar geleden. Hij zat op een katholieke lagere school, ik meen bij de nonnen. Ook een bewegelijk ventje. Remedie z’n handen werden aan elkaar gelijmd. Resultaat; het vel ging mee toen ze van elkaar werden gehaald.
    Marijke Brussaard kennend, moet ze een goede lerares geweest zijn.
    Marijke; “Ik was en ben nog steeds voor openbaar onderwijs”.

  • Drillen en spelen. Een diep gevoel van melancholie… Zijn, zoals je bent. Lees:
    https://www.volkskrant.nl/wetenschap/zo-kan-iedereen-in-nederland-in-2030-lezen-en-schrijven-oplossing-1-schaf-het-vak-begrijpend-lezen-af~bdcc4149/
    Prachtig stuk, Joop.

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *