Hoe is het nu met…..Henk de Groot?

Door: Leni Paul. Hoewel niet in onze gemeente geboren kan Henk de Groot toch tot de ‘bekende Aalsmeerders’ worden gerekend. Hij heeft een lange staat van dienst bij de bloemenveiling, was  voorzitter van het Aalsmeerse bloemencorso en voorzitter van Radio Aalsmeer en bekleedde nog andere functies in het maatschappelijk leven. Aan het eind van deze maand gaat hij samen met zijn vrouw Olga verhuizen en wordt Veenendaal zijn nieuwe woonplaats.

Een riant huis aan de Kudelstaartseweg met uitzicht op een winterse Westeinderplassen. In huis veelkleurige kunst waaronder diverse werken van wijlen corso-ontwerper Frits Vogel en wat fleurige werkjes van de vrouw des huizes zelf. De voorbereidingen voor de komende verhuizing zijn al in volle gang, maar op de valreep vindt De Groot op ons verzoek wel ‘even tijd.’ Het worden twee uren terugzien op een afwisselend leven dat hem op diverse plekken in verre landen heeft gebracht.

De Groot (76) werd geboren in Waver, gemeente bij Ouderkerk aan de Amstel en zijn technische aanleg bracht hem via de toen nog geheten ambachtsschool naar de Elektrotechnische School. In de avonduren behaalde hij het diploma van de toen nog geheten HTS.

Wanneer kwam je werkkring bij de Aalsmeerse veiling in zicht? De Groot, bedachtzaam formulerend: “Dat was eind 1972, begin 1973. Ik kwam te werken bij de technische dienst. De VBA was net gestart op de Legmeerdijk, maar de plantenafdeling was nog ondergebracht op de CAV, de Centrale Aalsmeerse Veiling. Het was een neerzetveiling. De monsters kwamen wel voor de klok en in 1975 zijn pas de planten ook naar de Legmeerdijk gekomen.  En daar gingen de zaken anders en werd het ook bij de planten van een ophaalveiling een verdeelkarrensysteem dat moest worden opgezet. Ik was daar mede bij betrokken en we zijn toen tot het nieuwe keten-logistieke model gekomen. Hiervoor is de stapelwagen gemaakt door Verhoef. We zijn toen bijvoorbeeld bij Fokker gaan kijken. Toen het goed liep bij de planten ben ik betrokken bij de technische ontwikkelingen en verbeteringen bij het vervoer.”

Er vallen wat bekende namen uit de wat je nostalgische ‘de goede, oude veilingtijd’ zou kunnen noemen: Maarse, Wegman, De Boon, Mulder,  Eveleenes en Molenaar.

“Het was de tijd dat de gouden spelddragers waaronder ikzelf, ieder jaar met elkaar een gezellige bijeenkomst hadden,” mijmert De Groot, die zichzelf, naast bezitter van de begeerde speld ook sinds zijn afscheid op 27 september 2005 van de inmiddels met veiling Westland gefuseerde veiling Ridder in de Orde van Oranje Nassau mag noemen.

“Ik ben altijd met technische en ruimtelijke zaken bezig geweest, nadenken hoe processen het beste zouden kunnen verlopen. Zo was ik betrokken bij de eerste projecten van interne logistiek zoals bij Zurel. En later bij het opzetten van Cultra binnen het veilinggebouw. Cultra was een geweldige formule toen daar met cash & carry werd gestart. In die jaren kwam er steeds meer druk, kleine kwekers wilden op de klok en konden toen terecht bij de cash en carry.  Later was ik ook betrokken bij een dergelijk project in België en Duitsland.”

Zijn naam is ook nauw verbonden met het toen opzienbarende plan van het te realiseren Ondergronds Logistiek Systeem, het OLS.

Er volgt een uitgebreid en gedetailleerd technisch verhaal waarbij de mobiliteitsproblemen in de regio een belangrijke rol speelden en De Groot gedetailleerd ingaat op zaken zoals besprekingen met de toenmalige ministeriële kopstukken. ”Het ging verder dan verkeersproblemen in onze sector, het ging over spitsstroken, over de moeilijkheden wat betreft het grootverbruik van de wegen waarbij ook Schiphol was betrokken. En over hogesnelheidstreinen. De VBA is toen samen met Schiphol een treinenproject gaan starten met Schiphol waarbij lucht-.weg- en raillogistiek verkeer aan elkaar zouden worden gekoppeld.”

Tussen droom en daad hebben toen duidelijk de bekende wetten en praktische bezwaren gestaan, want het plan is nooit van de grond gekomen, vertelt De Groot, die echter binnen de veiling met nog vele andere technische zaken te maken zou krijgen zoals de verbinding tussen het hoofdgebouw en het deel aan de overzijde van de Legmeerdijk.

Een technisch hoogstandje waarbij de karren vanuit het koopgedeelte door de lucht (De Groot: “een overhead-systeem”) naar de boxen van de kopers aan de overzijde werden getransporteerd. “Vanuit binnen- en buitenland kwam men er naar kijken en later is dit systeem ook toegepast in de veiling in San Remo. Ze hadden daar productie, er was handel en ik ben daar toen twee weken naar toegegaan.”

Het zou niet het laatste buitenland zijn waar De Groot namens zijn werkgever naar toe zou gaan om daar zijn technische en logistieke kennis te verspreiden. In de bekende coöperatie Holambra in Brazilië bijvoorbeeld. Vele jaren later kon De Groot zijn technische kennis op vele andere plekken gaan toepassen zoals in Taiwan, in China, in het Indiase Madras en New Delhi, om enkele gebieden te noemen.

Graag wijdt hij uit over de vele reizen die hij maakte en die hij na zijn afscheid van de veiling in het kader van de PUM kon voortzetten. “Voor de PUM heb ik ook aan een tuinbouwproject in Ethiopië mijn bijdrage kunnen leveren. Weet je wat ik ook heel bijzonder heb gevonden? Samen met mijn vrouw Olga heb ik het corso in Pasadena een keer meegemaakt. Geweldig was dat. En ook heb ik het eerste bloemencorso in Vietnam mogen mee-organiseren en ben ik er vijf jaar bij betrokken geweest.”

Maar ook dichter bij huis was De Groot bij diverse bloemrijke evenementen betrokken zoals het bloemencorso. ”Ik was er dertig jaar bij betrokken. Twintig jaar zat ik in het dagelijks bestuur en tien jaar was ik voorzitter. Ik was voorzitter van de personeelsvereniging van de VBA, zat in het bestuur van VNO/NCW, de werkgeversorganisatie, in het bestuur van de Kamer van Koophandel, voorzitter van de OVA en ik heb samen met Theo van der Hoek de Roparun naar Parijs begeleid.”

Over het teloor gegane bloemencorso zou volgens De Groot een apart verhaal geschreven kunnen worden. We houden het eensgezind op een hartgrondig uitgesproken ‘jammer’ en besluiten hier verder niet op in te gaan….

Gepokt en gemazeld in Aalsmeer. En nu ga je toch samen met Olga je vestigen in Veenendaal. “Ja, ik heb destijds met mijn ouders en broer en zus daar gewoond. Mijn zus en broer wonen er nog. En deze zomer hebben Olga en ik daar mooie fietstochten gemaakt. Toen kwam de gedachte bij ons op daar uit te zien naar een wat je noemt levensloopbestendige woning. Die vonden we, een schitterend ruim appartement. Ons huis konden we snel verkopen, aan een rasechte Kudelstaarter,”

En hoe zie je terug op je leven hier? “Met veel plezier. Ik heb hier veel mogen en kunnen doen, heb met velen een goede en warme band opgebouwd en laat hier goede vrienden achter.”
En de prachtige Westeinderplassen waarop je  vanaf 1988 uit je woonkamer het uitzicht had.
“We krijgen nu een ruime appartement en en hebben daar weer een ander uitzicht het bos, de heide en het water”.

Foto’s Arjen Vos

Lees vorig bericht

Aalsmeer geniet op het ijs

Lees volgend bericht

Barendebrug nu helemaal af


1 Reactie

  • Goede avond Henk,

    Leuk ie verhaal te lezen,we hebben ook een aantal jaren met plezier samengewerkt vanwege mijn vestigingen in Cultra.
    Ik denk daar nog alrijd met plezier aan terug het waren hectische tijden met snel groeiende bedrijven
    Het was voor jou maar ook voor ons als huurders een leuke tijd,de opendagen enz.
    Op de opening van ons filiaal weet ik nog goed dat er iemand naar mij toe kwam of de verdipeingsvloer wel sterk genoeg was…………

    maar Henk het gaat jullie goed en samen met olga een hele goede tijd in Veenendaal,ik ben er regelmatig geweest omdat Hardemanbouw er gevestigd is,en dat is een beetje onze huisleverancier voor de hallen
    Met vriendelijke groet,
    jaap mosselman.

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *