Leiders en massacultuur

Ruim zes jaar geleden schreef ik een artikel voor de Aalsmeerse ‘glossy’ NieuwNAT die toen over het thema ‘jongeren’ ging. Toevallig, bij het opruimen van een kast, kwam ik het stuk weer tegen. En het viel mij op, hoe actueel het is, in deze tijd van sociale (massa)media, politieke propaganda en commercialisering. Daarom vraag ik aan AalsmeerVandaag om het nog een keer te publiceren:
 
Het valt niet te ontkennen: ik ben ook jong geweest.
Een paar herinneringen.
Ik was een jaar of tien. Op mooie zomerdagen hoefden wij niet tijdens de ochtendpauze op het schoolplein van de Columbiaschool te blijven, maar mochten wij oversteken, over een bruggetje naar het grasveld aan de overkant. Het schoolhoofd Woudstra was afwezig, en in zijn plaats blies onze klasonderwijzer op zijn fluitje om de leerlingen naar school terug te roepen.
Echter, de jongens hadden afgesproken om gewoon te doen alsof ze doof waren en zij bleven zitten. Ik was de enige die de groepsdruk negeerde en naar binnen ging.  
 
iedereen
De eerste foto’s van naakte vrouwen liet tante Ko mij zien. Zij stonden te kleumen voor een grafkuil waar zij weldra zelf in zouden liggen. In het concentratiekamp.
Ik las over de opkomst van nazi-Duitsland. Hoe bijna iedereen achter de grote leider aanliep en hoe moeilijk het was om je tegen Hitler te verzetten.
Ik was gewaarschuwd.
Pas op voor emoties in de politiek. Pas op voor wat ‘iedereen’ doet. Pas op voor wat ‘iedereen’ vindt. Pas op voor ‘leiders’ die ‘gelijk hebben’.
 
jongerencultuur
Ik hield van jazz. Ik was toen al een buitenbeentje in wat later genoemd zou worden, ‘de jongerencultuur’. De meerderheid van mijn HBS-klas hield van Bill Haley, Fats Domino, de Everly Brothers. Dat waren de platen die op een feestje (een ‘fuif’) werden gedraaid.
Degene die de platenspeler moest bedienen, was degene die geen meisje had meegenomen. Het zou nog lange tijd duren voordat hij ‘dj’ zou worden genoemd.
Mijn eerste jazzconcerten bezocht ik in 1958. Duke Ellington en de Jazz Messengers in het Concertgebouw. Ik was vijftien.
Ik las de Beatnikschrijver Jack Kerouac die net zo snel en improviserend schreef als de jazzmuzikanten speelden: On The Road en The Subterraneans. Ik schreef een van mijn eerste gedichten dat in de schoolkrant van het Casimir Lyceum werd afgedrukt: ‘Onderaards’ – opgedragen aan Kerouac.
 
tophits
Ik las Aldus sprak Zarathoestra van Nietzsche: ‘Het leven is een bron van vreugde, doch daar waar het gepeupel meedrinkt, zijn alle bronnen vergiftigd.’
Niet bepaald een aansporing om je te ontwikkelen tot massamens. Net als het boek van Eric Hoffer, De ware gelovige, beschouwingen over het wezen van massabewegingen (1952). Van dit laatste kocht ik een stapeltje voor een gulden per stuk bij De Slegte om ze weg te geven op verjaardagen.
Ik was verbaasd toen Vrij Nederland begon met het publiceren van bestsellerslijsten van boeken. Ik dacht: wat iedereen leest, dat kan nooit wat wezen…
Later verschenen de tophitlijsten op de ruit van de grammofoonplatenwinkel van Otto. Dat bevestigde voor mij eens te meer de wansmaak van ‘het grote publiek’.
 
succes
Ik was een kind van mijn tijd, en ik ben een kind van die tijd gebleven.
Ik heb mijn keuze gemaakt uit de waarden die in mijn tijd opgeld deden. De belangrijkste was, dat ontwikkeling op het gebied van kunst en cultuur een verrijking is, waar je je hele leven wat aan hebt – en waar je je hele leven mee bezig kunt blijven.
 
Tegenwoordig zijn kunst en (massa)cultuur verworden tot middelen om je letterlijk mee te verrijken, dat wil zeggen veel geld te verdienen.
De norm voor kwaliteit is ‘succes’ geworden. Bestsellers en hitlijsten geven de toon aan. Met zijn allen naar het stadion, voor popmuziek of voetbal – of een huwelijksfeest of een uitvaart! Kijkcijfers. Jullie mogen het zeggen!
Je hoeft nergens verstand van te hebben om je mening te uiten. Alles is ‘Idols’ geworden. ‘The Voice of Holland’, ‘Popstars’,  ‘Op zoek naar Zorro’, ‘Stand.nl’, ‘Ranking the news’, de lijst is eindeloos. Om van ‘de nieuwe media’ maar te zwijgen…
 
De jongeren van nu worden gebombardeerd met alles wat succes heeft – dat wil zeggen, met alles wat door ‘iedereen’ wordt gekocht, geconsumeerd en gewaardeerd.
 
De ‘leiders’ en het ‘leiderschap’ zijn weer in opkomst. Dat kan niet zonder steeds grotere groepen min of meer gemakzuchtige en verblinde volgelingen.
Als je jong bent, ben je ontzettend – dat woord gebruik ik opzettelijk – ontvankelijk voor ‘hapklare’ korte-termijnbevrediging. En daarvoor is steeds meer te krijgen in deze commerciële op hol geslagen wereld. Legaal of… illegaal!
 
Ik weet niet of ik in deze tijd nog de kracht zou kunnen opbrengen om, net als in de jaren vijftig en zestig, mij aan de massacultuur te onttrekken.
 
Pierre Tuning is journalist. Vele jaren redacteur bij het NOS Journaal. Gerespecteerd raadslid van D66, later PACT, inmiddels geen lid meer. Liefhebber van jazz, steekt dat niet onder stoelen of banken. Polijst zijn teksten. Houdt van een biertje. Eigenwijze kerel.

Lees vorig bericht

Onderhoud Amstelaquaduct en Waterwolftunnel

Lees volgend bericht

Reconstructie moet opheldering geven


1 Reactie

  • uit het hart gegrepen!

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *