Door: Paul Bras. De flat waar ik woon wordt door de woningbouwvereniging flink onder handen genomen. Het houtwerk wordt geschuurd en gelakt, deuren vervangen, de stenen en voegen worden met een hogedrukspuit gereinigd. Hiertoe zijn om het hele pand heen steigers opgebouwd. De mannen die de steigers opbouwen, de schilders, de timmerlieden, de metselaars, de onderhoudsmedewerkers, ze werken stug door in temperaturen die soms oploopt tot boven de 30 graden. Ze praten onderling veelal in voor mij onbekende talen. Ze doen het werk professioneel en met een glimlach. Hun Nederlandse collega’s geven aanwijzingen en controleren het werk. Zij hebben duidelijk de leiding.
Dit fenomeen zie je in verschillende bedrijfstakken. Zoals bijvoorbeeld in onze kassen. Het zware werk wordt tegenwoordig meer en meer gedaan door de mensen die van buiten Nederland komen. Arbeidsmigranten noemen we ze. Zij doen het werk waar steeds meer Nederlanders te hoog voor zijn opgeleid. Nederland kampt al jaren met een tekort aan krachten uit het middelbaar beroepsonderwijs.
Onder de pakjesbezorgers, de schoonmakers, de aspergestekers, de mensen die in de kassen werken, de mensen die in de slachthuizen werken, de krantenbezorgers, de taxichauffeurs, de maaltijdbezorgers bevinden zich veel arbeidsmigranten. Zonder de arbeidsmigrant loopt onze samenleving vast.
De lompe, gewelddadige en agressieve acties, gericht tegen gemeenten die (wettelijke) asielopvang organiseren is niet alleen crimineel maar ook bijzonder kortzichtig. We willen wel dat arbeidsmigranten ons vuile werk opknappen, maar ze mogen niet in onze huizen wonen en met onze vrouwen daten. Het woningtekort is een groot probleem, maar wordt niet veroorzaakt door de arbeidsmigrant. En natuurlijk is er een groep asielzoekers die voor problemen zorgt, maar dat is een relatief kleine groep, net zoals een relatief kleine groep xenofoben de rellen door het hele land organiseren, aangemoedigd door rechts-extreme politici. Helaas krijgt deze groep veel aandacht doordat ze met grof geweld voor veel onrust zorgen.
De zondeboktheorie is voor extreemrechts altijd een fijn instrument gebleken. Inspelend op problemen in de samenleving, richten ze de aandacht op een groep mensen die zich niet goed kunnen verdedigen en wakkeren ze onder de Nederlandse bevolking angst aan voor mensen met een andere cultuur, een andere kleur, een andere taal en andere gewoonten. Hun demagogie gaat er bij goedgelovige mensen in als Gods woord in een ouderling.
Wat mij hoop geeft is dat er steeds meer een tegengeluid wordt gehoord. Demonstraties waarbij de vluchteling welkom wordt geheten zien we steeds vaker. En ondertussen wordt onze flat picobello opgeknapt en wordt een klein stukje Kudelstaart weer mooier gemaakt.
(Foto’s: Arjen Vos)
Paul Bras is een geboren en getogen Amsterdammer die nooit gedacht had ooit een Kudelstaarter te worden. Totdat zijn woonplaats een café kreeg, toen was hij om. Zou zelfs van de daken kunnen schreeuwen dat hij daar ‘groos’ mee is. Muzikaal talent maar dat schreeuwt hij dan weer niet van de daken. Bescheiden en zachtmoedig.



















/LJ-de-Vries.png)





4 reacties
Onnozele hals!
Goede reactie Raymond van je wat mij betreft , het is een complex vraagstuk.
De columnist van dienst veegt veel door elkaar.
De mensen met zorgen weg zetten als rechts extremisten is heel kort door de bocht.
Pffffff, over kortzichtig gesproken!
Arbeidsmigranten en asielzoekers weer door elkaar halen.. Pedro uit Brazilië gaat direct aan het werk… asielzoekers…nja, als ik dat nog moet uitleggen !
Mooi stukje weer Paul, maar in mijn ogen niet compleet. Je gooit de hele migratie op een hoop. En dat doet geen recht aan de zorgen die er zijn. In mijn directe omgeving ken(de) ik mensen die als militair uitgezonden zijn geweest. Vrijwel allemaal terug met een of ander trauma. Vrijwel alle vluchtelingen zullen ook de nodige trauma’s hebben. En daar hulp bij nodig hebben. Wie gaat dat geven? 10 duizenden mensen. Dan de kinderen, opgegroeid in bijv. Syrie. Die burgeroorlog duurde 12 jaar? Die kinderen weten dus niet beter dan dat de wereld levensgevaarlijk is. En dat het recht van de sterkste geldig is. We zien het resultaat. Deze zomer zie ik mensen heerlijk in hun bijna blote reet genieten op de ” boulevart” bij de watertoren en ik zie dames onder begeleiding van een heer, volledig ingepakt, daar langslopen en direct omkeren.. ik zie dat bij de Heertjes de ramen afgeplakt worden… om gluurders inkijk te beletten? Of om de buitenwereld toch vooral de buitenwereld te houden. Hoe moet een jonge griet uit zo een cultuur zich voelen? Je leeftijdsgenoten in minirok topje op de fiets en jij van top tot teen ingepakt? Ik ken iemand die voor een tijdje naar het buitenland ging. Daar naar de kapper ging, kleding kocht en zelfs probeerde de taal met lokaal accent te spreken… voor een paar maanden toch trachten te intergreren. Als ik vlucht dan denk ik niet gelijk aan China, Tibet of Iran. De cultuur, de taal, alles ligt lichtjaren van elkaar af. En is het er een, dan kijkt de buurman niet mee, maar zijn het er veel dan krijg je te maken met de sociale knoet.. kijk Paul niet iedereen is tegen of voor. Maar er zijn grote zorgen.