Door: Jan Dreschler. Zaterdag 7 maart werd in het Oude Raadhuis een nieuwe tentoonstelling geopend. Het thema is ‘Wachten, tussen gaan en komen’, de exposerende schilder Martin Schelstraete.
Elke zes weken is er een nieuwe expositie, vertelde KCA-voorzitter Ulla Eurich in haar openingswoord, en telkens wordt met enige weemoed afscheid genomen van de vorige. Maar gelukkig komt er ook steeds weer iets nieuws voor in de plaats. Dit keer is dat een tentoonstelling met werk van Martin Schelstraete.
Martin groeide op in Terneuzen en wilde graag naar de kunstacademie. “Mijn vader was daar geen voorstander van, dus dat lag moeilijk. Ik heb er toen voor gekozen om fysiotherapie te gaan studeren. Dat was een beetje een willekeurige keuze.”
Daarnaast volgde hij allerlei aanvullende opleidingen en verschoof zijn belangstelling steeds meer van het therapeutische naar de ontwikkeling van mensen. “Daarom ben ik me gaan bekwamen in het coachen. Ik coach leidinggevenden, of beginnend leidinggevenden, die samen met mij willen nadenken over de vraag: ‘Wie ben ik en wat breng ik mee?’”
Maar de kunst liet hem niet los. In de avonduren studeerde hij aan de Stedelijke Kunstacademie in Sint-Niklaas (België) en daarna aan de Wackers Academie in Amsterdam, waar hij in 2011 afstudeerde.

Uit Art Centre gegroeid
Inmiddels was hij getrouwd en hadden Martin en zijn vrouw de wens om zich in de Randstad te vestigen, omdat de mogelijkheden daar groter waren. Ze woonden enige tijd in Uithoorn en Martin had zijn atelier in het Art Center aan de Aalsmeerderweg. Inmiddels is hij daar uitgegroeid. Sinds een half jaar heeft hij een veel groter atelier in de Schinkelbuurt in Amsterdam en woont hij in IJburg. En nu hij is uitgenodigd voor een expositie in het Oude Raadhuis, kan heel Aalsmeer zien wat voor schilderijen hij maakt.
Willem Kikkert, voormalig wethouder van cultuur en groot kunstliefhebber, reflecteerde in zijn openingswoord op het thema wachten. “We wachten volgens hem heel wat af: bij de bus, bij de kassa, bij de dokter. Het lijkt doelloos, maar tegelijkertijd is het fascinerend. Wachten heeft een bepaalde spanning. Er gebeurt niets, en er gebeurt toch iets. Het is een tussenruimte tussen verwachten en weten, tussen vrezen en hopen. En juist in die ruimte gebeurt er iets.”
Verstild maar niet statisch
Willem Kikkert verlegde de blik ook naar de grote problemen van deze tijd: het wachten op vrede en veiligheid. Dat wachten zit ook in de schilderijen van Martin Schelstraete. Zijn werk is verstild, maar niet statisch. We moeten wachten; het heeft iets onvrijwilligs. We kunnen niet afdwingen dat het sneller gaat. De tijd gaat niet voorbij, wij gaan voorbij. De expositie vraagt ons om iets van dat ongemak van het niet-weten toe te laten.
Er was ook een muzikaal intermezzo. Wim Bartels, ooit gecoacht door Schelstraete, zong, begeleid door pianist Philip Paar, enkele passende liederen die eveneens met verstilling te maken hebben. Het eerste lied was dan ook: ‘Waar wil je op wachten?’

Verweesde situaties
Observatie speelt een belangrijke rol in het werk van Schelstraete. Het gedrag van mensen op momenten van wachten wordt nauwkeurig geobserveerd en op doek vastgelegd. Wat doen ze? Zoeken ze verbinding met anderen, of juist niet? Zoals de brochure bij de tentoonstelling zegt: het is een fase waarin je niets te doen hebt en waarin je, afhankelijk van het moment, tot jezelf kunt komen, je kunt vervelen, je kunt afsluiten of juist contact zoeken met een ander.
Op de olieverfschilderijen zie je soms bijna ‘verweesde’ situaties die doen denken aan Edward Hopper: mensen die volledig opgaan in zichzelf, zonder aandacht voor de wereld om hen heen. Ook zijn er enkele doeken over Sisyfus, die elke dag opnieuw zijn taak op zich neemt en de steen de berg oprolt.
Sober
“In mijn werk is er een grote kruisbestuiving tussen wat ik in de praktijk als coach tegenkom,” vertelt Martin. “Dat inspireert mij enorm en dat vertaal ik in mijn kunst. Mensen zeggen inderdaad dat mijn werk aan Hopper doet denken. Hoe verhoud je je tot de leegte van de grote stad? Ik ben ook erg geïnspireerd door Lucian Freud en de Londense school.”
Over zijn werkwijze zegt hij: “De achtergrond van de mensen die ik schilder is vaak sober en soms zelfs geheel afwezig. Dat is een bewuste keuze. Het plaatst mensen in een lege ruimte, waardoor de aandacht volledig op hen valt. Tegelijk geeft het mij vrijheid in hoe ik ze in beeld breng.”
Zijn figuren zijn anatomisch met grote nauwkeurigheid weergegeven — iets wat je van een voormalig fysiotherapeut misschien ook wel mag verwachten.
De tentoonstelling loopt van 7 maart tot 19 april en is te zien op vrijdag, zaterdag en zondag van 14 tot 17 uur.
(Foto’s: Arjen Vos)




















/LJ-de-Vries.png)



