It’s the most wonderful time of the year

Hallo lezer, tijd geleden. Langer dan gebruikelijk zelfs, omdat door wat geweldig agenda-management van mijn kant ik mijn beurt bij de laatste columnronde vergat. Gelukkig toeval dat het universum heeft besloten dat ik dit weekend, op deze zaterdag, mijn woorden via het internet, middels de lichtgevende doos die u voor zich heeft, direct via uw netvlies zo linea recta uw brein in kan laten duiken. Dit weekend is namelijk de finale van het Songfestival!

Een doorgewinterde lezer van mijn columns (hoi mam!) weet natuurlijk al lang dat het Songfestival hoog op mijn lijstje ‘favoriete dingen in een jaar’ staat. Ik schreef er drie jaar geleden al een column over en ook toen kon ik mijn enthousiasme niet inhouden. Wat ik drie jaar geleden schreef is nog steeds van toepassing: “Ik ben (…) liefhebber van het Songfestival. Niet voor de liedjes, nee, ik kijk voor de gekte.” 

Het songfestival is als wijn
Echter, die gekte is niet ieder jaar even aanwezig. Eurovisie 2016, de finale waaraan vooraf mijn zeer uitbundige column ging, was een verschrikkelijk saai jaar. Als u nu zit te lezen en denkt “ik kan me het hele songfestival 2016 niet herinneren” dan ga ik u een plezier doen en u niet helpen. Eurovisie 2016 was het onthouden niet waard. Eurovisie is wat dat betreft als rode wijn, er zijn goede jaren en slechte jaren. 

Ieder jaar kijk ik trouw, al dan niet met familie, de halve finales. De finale zelf is de afgelopen tien jaar steeds meer ‘een ding’ geworden bij ons thuis. Er komen mensen over de vloer: mijn zus en ik nodigen allebei vrienden uit die langs komen… het is een hele operatie. De halve finales zijn mijn favoriete onderdeel, als ik eerlijk ben, want ik kijk nog steeds voor de gekte. Waar ik mijn plezier uit haal blijft over het algemeen achter in de halve finales. Mijn favoriete Songfestival-inzending ooit (Narondnozabavni Rock, Slovenië, 2010) eindigde als 33van 34 inzendingen in de halve finale, een aantal plaatsen achter onze eigen inzending, de onvergetelijke Sieneke. Eurovisie 2010 was überhaupt een ge-wel-dig jaar wat mij betreft.

Het kan
En dan dit jaar. Is 2019 een goed jaar? Voor mij niet echt, moet ik u zeggen. Qua gekte is het Songfestival dit jaar vrij tam. Er zijn zoals altijd wel wat gekke dingen, zo heeft Australië een dame gekleed als Elsa die halverwege haar act een vastgelopen polsstokhoogspringer nadoet, dat is leuk. IJsland heeft een act die… bijzonder is. San Marino heeft een hele lieve wat oudere meneer gestuurd, maar zijn vergeten te vragen of hij kon zingen. Malta en Wit-Rusland hebben allebei acts waar ik me serieus van afvraag wat het denkproces was achter de inzending, maar ze zijn wel door naar de finale. 

Er zijn ook wel een paar echt goede inzendingen, zo heeft Nederland echt kansen dit jaar. Onze inzending is dit jaar best heel goed, en het is verder geen overdreven sterk veld. We zijn een hele grote vis in een ongebruikelijk kleine vijver wat betreft goede inzendingen, dus het zou zomaar kunnen dit jaar. Nu heeft Nederland een klein nationaal trauma omdat we een paar jaar de halve finale niet doorkwamen, maar dit is echt een jaar dat er mogelijkheden zijn. We vergeten trouwens ook heel makkelijk dat we zelf jarenlang zeer bedenkelijke keuzes hebben gemaakt over wie we naar het Songfestival stuurden (Sieneke, Joan Franka met haar indianentooi, de Toppers, dat meisje dat op d’r blote voeten zong, en natuurlijk het trio Treble die in hun eigen… taal? Zongen). 

Traditie
Terwijl ik mijn oude column uit 2016 op aan het graven was, zag ik een andere van mijn oude columns, eentje met de intens catchy titel ‘ho ho ho (wat ben ik toch een virtuoze woordenkunstenaar, ik ben een artiest en mijn kunst is vocabulaire), in‘ho ho ho’ gaf ik wat redenen waarom ik geen groot fan ben van Kerst. Geen onvermakelijke column, al zeg ik het zelf. Mocht u hierna nog iets willen lezen, hij is best oké. 

Wat extra context voor die column is dat mijn zus en ik al sinds we heel jong zijn niet thuis zijn voor Kerst. Kerst is de tijd van het jaar dat we bij de andere helft van de familie in Frankrijk zitten. In Nederland hebben wij dan ook niet echt een Kersttraditie, buiten het feit dat we er traditioneel niet bij zijn. Nu ben ik nooit te beroerd om van een klein detail een groot punt te maken, maar afwezigheid is geen traditie. Bij elkaar komen met vrienden en familie, eten, drinken op een vaste gelegenheid… misschien is dat wel waarom ik zelf ook zo veel waarde hecht aan dit hele opgeblazen, overdreven en grandioze spektakel. De finale van het Eurovisie Songfestival is onze kerstavond. 

In ieder geval, we gaan misschien wel winnen, dus volgend jaar mogelijk dus een editie in ons eigen land! We gaan het vanavond zien. 

Fijn Songfestival, lezer. 

 
Yannick Duport studeerde politicologie. Schrijft graag. Publiceerde eerste minicrimi in NieuwNAT: over gedumpt lijk in Seringenpark. Hoopt stiekem op mooie toekomst als misdaadschrijver. Tegendraads. Enige 30-jarige zonder Facebook- en Twitteraccount, maar sinds enige tijd wél met smartphone. Als Aalsmeer-Ooster vertrokken naar Hoofddorp maar daarvan teruggekeerd.

Lees vorig bericht

Oude schuilhut in nieuw jasje

Lees volgend bericht

Sjoelers trots op nationaal kampioen Petra Houweling


1 Reactie

  • Douze points!!

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *