Even de weg op…

Naar programma’s als ‘Wegmisbruikers’ of ‘De slechtste chauffeur van Nederland’ hoef ik niet te kijken om te weten dat er veel aso’s rondrijden. Het lijkt wel of de weggebruiker anno 2012 steeds ongeduldiger en onverdraagzamer wordt. Een dag ’uit het leven gegrepen’.

12.00 uur: de weekendboodschappen doen. Omdat de tassen die de monden en buiken van drie volwassen ‘kinderen’ moeten vullen te zwaar zijn voor de fiets of om lopend mee te zeulen, neem ik de auto. Ramp 1: parkeren. Grote nieuwe supermarkten neerzetten is één ding, zorgen voor genoeg parkeerplek erbij duidelijk iets anders. De plekken die er zijn worden gewoon voor je neus ingepikt door bestuurders die te beroerd zijn om – net als iedereen – te wachten tot ze aan de beurt zijn en die dus rustig tegen de richting van het verkeer in gaan om maar eerder bij die laatste vrije plaats te komen. Maar uiteindelijk lukt het: ik moet met mijn toch niet al te grote karretje wel een flinke draai maken om in het plekje te komen, maar… hij staat!

12.45 uur: terug met zware tassen. Zie net hoe een man zijn rode bestelbus op 3 cm naast mijn boodschappenauto neerzet, en dan ook nog zó schuin dat de draai om de parkeerhaven weer uit te komen bijna niet te maken is zonder elkaar te raken. “Moet je ‘m maar niet zo ver van de kant af zetten,” zegt de chauffeur. Vriendelijk vraag ik of hij zijn bus iets rechter wil zetten, zodat ik er makkelijker uit kan. Waarop hij met een keihard “nee” wegloopt. “Zeker thuis niks te vertellen?!” wil ik hem nog naroepen, maar ik hou me in. Ik moet vervolgens wel 85 keer steken op de vierkante milimeter, maar ik kom er zonder deuken en zelfs krassen uit. Want ik laat me natuurlijk niet kennen en “goed rijden is een kwestie van goed sturen” zei mijn vader altijd. En hij had natuurlijk weer eens gelijk.  

13.10 uur: bij degoedkope zelftankpomp is de benzine vandaag vijf cent goedkoper (‘Mazzeldag’ noemen ze het), en met prijzen die de pan uit rijzen, is het geen slecht idee om de tank nog even vol te gooien. Ik ben niet de enige die wel wat mazzel kan gebruiken. Ook hier is netjes op je beurt wachten er niet meer bij, want vooruit, achteruit, tussendoor, het maakt niet uit: van alle kanten proberen aso-bakken eerder bij een vrije pomp te komen. En omdat ook nog één van de vier pompen ‘buiten dienst’ is, word je al snel uitgemaakt voor slome trut als je besluit dan maar te wachten op de volgende.

14.15 uur: op weg naar een klus. Op de N201 zit een zwart scheurijzer op mijn bumper alsof ik er 30 rijd. Maar ik hou ook van opschieten en doorkachelen, dus aan de 80 zit ik zeker. Zodra er even een kansje is schiet hij me voorbij (met ‘de vinger’ uit het raam). Maar bij het volgende stoplicht moet hij vol in de ankers. Ik kan een brede glimlach niet onderdrukken.

16.45 uur: nog even naar de brievenbus lopen met een verjaardagskaart. Dat fietsers en voetgangers zich nauwelijks iets aantrekken van (rode) stoplichten is bekend. Daar doe ik zelf net zo hard aan mee, maar het is vandaag een wonder dat ik – met één been al op de weg (bij groen!) om over te steken – toch nog net in mijn ooghoek een giga truck de bocht om zie planken. Zijn licht moet al diep donker oranje zijn geweest en als ik niet even had gewacht had ik dit niet meer op kunnen schrijven…  

Wat een dag. En dan heb ik het nog niet eens over automobilisten die kruispunten blokkeren, rechts inhalen of het vertikken om te ‘ritsen’… Want het kan altijd nog erger. Aan de andere kant: ga in een hutje op de hei wonen in plaats van in de Randstad en je hebt nergens last van. Dan kun je op je gemakje over het zandweggetje naar de boer slenteren voor verse eitjes. En hoeveel ik ook van deze regio hou, na vandaag ga ik het eens in overweging nemen!          

 

Lees vorig bericht

Even schrikken…

Lees volgend bericht

Wintervoordeel of lentenadeel?


Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *