Column: ‘Waarom is het Wim Kan Dreef en Corry Vonk Pad?’

Corry Vonkpad (archief AV/Arjen Vos)

De gedachten van een wandelaar willen graag alle kanten opvliegen. Wanneer die wandelaar zijn dagelijkse ommetjes in Kudelstaart maakt, het liefst in gezelschap van een hond, zijn de aftakkingen van die gedachtenkronkels helemaal niet meer te tellen. In zijn column van vandaag borrelt bij Hermen de Graaf een aantal interessante ‘waaromvragen’ naar boven. Waarom spreken we bijvoorbeeld wel van een teefje en niet van een reutje? Waarom Wim Kan Dreef en Corry Vonk Pad? En meer van dat soort levensvragen. Lees maar.

Door Hermen de Graaf. De hoofdredacteur van Aalsmeer Vandaag veronderstelde deze week dat mijn mijmeringen tijdens de wandelingen met onze hond Bo wel een mooie column zouden kunnen opleveren. Een keer per dag zet ik één van de gedachtes met hashtag #wandelinghond op twitter. Die kunnen inderdaad wel in een column…

Waar wij wandelen in het mooie Kudelstaart liggen onder meer de Wim Kan Dreef en het Corry Vonk Pad. Waarom is de cabaretier Wim Kan vereerd met een Dreef – dat staat voor een brede landweg met bomen – en Corry Vonk slechts met een pad? Overigens staan er nauwelijks bomen langs die Dreef, het is een lelijke parkeerplaats. En erger nog voor Corry Vonk: aan haar pad staat geen enkel huis of gebouw. Daarom lijkt het ook nog eens een overbodige benaming. Alsof Wim Kan Corry Vonk niet als steun- en toeverlaat nodig had. Het is denigrerend voor haar en rollenbevestigend, al maak ik mijzelf daar ook schuldig aan.

Onze Bo is een teefje, geen reu. Daarin zit ook een rollenbevestiging. Want waarom wordt een teef altijd met een verkleinwoord aangeduid en een reu bijna nooit? Dat is kleinerend voor het vrouwelijk geslacht en ik heb er ook aan meegedaan. Ik verwachtte namelijk dat een teefje -nou gebruik ik dat verkleinwoord weer- minder baldadig zou zijn dan een reu. Dat rollenbevestigende beeld heb ik na een week bijgesteld. Bo, we noemen haar vaak Bo’tje, is veel baldadiger dan haar voorganger Taeke. Ze heeft al meer gesloopt dan ze heeft gekost, onder meer een computerbril, en een Canadese moccasin. Ze verslindt boeken die ze uit de boekenkast peutert, met een merkwaardige voorkeur voor Jan Wolkers. Ze haalt de post op en pakt daar steevast enveloppen uit van de belastingdienst, die vakkundig worden versnipperd. En ze kan tot onze ontzetting de schuifdeur openen waarachter wij uit voorzorg de oud-papierbak hadden gezet.

Tijdens een van de wandelingen met Bo hoorde ik overigens ook een mevrouw tegen haar hond zeggen dat hij ‘met het vrouwtje mee moest’ – waarbij zij die kleinerende term voor zichzelf gebruikte. Dezelfde dame zei ook dat haar hond ‘beter moest luisteren’ – een ontluisterend slecht commando, dacht ik. En denk ik nog steeds.

Een andere merkwaardige waarneming is dat op het traject wat wij meestal lopen een bewoner van Kudelstaart permanent de Hollandse driekleur laat wapperen. Zo benieuwd of die vlag op 4 mei, dat is het al bijna, halfstok gaat? En daarvoor, op Koningsdag mogelijk vergezeld gaat van een oranje wimpel? Dat zal de republikein die ik in me voel wel betreuren.

Hondenbezitters maken vaak een praatje en zo hoor je nog eens wat. Bijvoorbeeld dat puppy’s van het ras waartoe Bo ook behoort, Friese Stabij, zelfs zonder stamboom voor 1800 euro worden verkocht. Tijdens een zo’n praatje heb ik eens verteld dat Bo een West-Friese Stabij is. ‘De eerste uit het officiële terugfokprogramma richting het hondje op dat schilderij van Jan Steen’ en dat schilderij kende mijn toehoorder wel. Tijdens die praatjes hoor ik vaak dat men Bo een mooie hond vindt. Zelf zeg ik altijd dat de hond van de ander een mooie hond is, of een aparte. Met dat laatste doel ik dan op die afschuwelijk doorgefokte kleine rothondjes.

Overigens heb je bij de Wim Kan Dreef en het Corry Vonk Pad ook het Van Hengelpad (aan elkaar geschreven, dat ook nog eens). Van Hengel, een predikant bij deze cabaretiers, is begrijpelijk gezien de vele domineeszonen die cabaretier zijn geworden. Overigens ook hier geen huizen, mogelijk omdat Van Hengel een rieten dakje van het kerkje in brand stak om mussen te verjagen waardoor ook de pastorie en zes andere woningen werden verwoest, zo schrijft Jan Maarten Pekelharing op Oneindig Noord-Holland. Én er ligt een Cabaretpad, alsof het in Kudelstaart altijd cabaret is. Dat is het misschien ook wel, want een docent die ik ooit had vond dat Kudelstaart het enige dorp was dat voor carnaval geen andere naam nodig had. Kudelstaarters denken er anders over en noemen hun dorp dan Poelgilderdam.

En zo denk en klets je soms wat af bij die wandelingen met Bo. Het is op de dag dat deze column wordt gepubliceerd op de kop af acht maanden geleden dat zij is geboren. Bo, ze komt uit Almelo en woont in Kudelstaart. Wim Kan en Corry Vonk zouden er een leuk liedje over hebben kunnen geschreven. Ik zal het Wim Meyles vragen, die iedere maandag een leuk snelsonnet plaatst op gedichten.nl Hij schreef al 24 grappige boekjes over taal en is pas echt een beeldende woordkunstenaar.

Hermen de Graaf is communicatieadviseur. Kudelstaarter – en bazuint dat ongegeneerd rond. Man van contacten, vooral in bloemenland. Twittert dat het een lieve lust is. Voormalig CDA-statenlid in provincie Noord-Holland. Jongleert graag met ‘duurzaamheid’ en ‘rentmeesterschap’. Eigenwijze kerel.

 

 

 

 

Lees vorig bericht

Bovenlanden dient beroepschrift in tegen amendement recreatiekavels

Lees volgend bericht

Foto 340: verzin en win


1 Reactie

  • Mama, waarom hebben giraffen zo’n lange neK?

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *