Column: ‘Waarheen leidt de weg…’  

Grote kans dat u het liedje van Mieke Telkamp vandaag niet meer uit uw hoofd krijgt bij het lezen van bovenstaande kop. Daarvoor alvast excuus. Columnist en geschiedenisliefhebber Erik Kreike neemt u nog tijdens zijn wittebroodsweken in zijn vertelling mee terug in de tijd en knoopt het wegenstelsel van Aalsmeer, dat momenteel een onwrikbare kluwen lijkt, met woorden aan elkaar. Leest u maar.

Aalsmeer – Over enkele jaren

Door Erik Kreike. Aalsmeer ligt open. Dat duurt nog wel een tijdje. Doe je weinig aan. Hier had mijn column kunnen eindigen maar mij is om een column gevraagd, niet om een haiku. Dus daar gaan we!

Het was in maart 2017 dat toenmalig wethouder Robbert-Jan van Duin bij mij in de uitzending van Radio Aalsmeer Politiek meldde dat veel gevaarlijke verkeerssituaties niet duurzaam konden worden opgelost. Een verkeerscirculatieplan kon nog niet worden opgesteld omdat dé nieuwe hoofdstructuur van Aalsmeer nog niet af was. En zolang dat niet af was, was er geen beginnen aan.

Doorstromen rondpompen
En nu zitten we er al een tijdje middenin, aanleg van de nieuwe hoofdstructuur. Iets dat met recht een openhartoperatie mag heten. De aorta van het dorp ligt al een tijdje plat in afwachting van verplaatsing en het verkeer zoekt zijn weg via omleidingen door haar- en bloedvaten.
Toen ik opgroeide was dé aorta van Aalsmeer de Burgemeester Kasteleinweg. Het werd steevast ‘de snelweg’ genoemd. Daar moest je bij wegblijven, die was gevaarlijk. Het is een weg met veel namen en getallen: eerst de N201 later weer N196. Ik blijf het ‘de oude N201’ noemen. Laat in een reactie hieronder vooral weten hoe u deze weg noemt, en dan vooral hoe u dat uitspreekt. Het efficiënte En-twee-nul-een bekt toch echt lekkerder dan de En-honderdzesennegentig toch? Of zegt u liever En-een-negen-zes?  Ik dwaal af…
Die oude N201 wordt een weg met halve rotondes en een busbaan en zal haar N-getal gaan kwijtraken. De nieuwe hoofdstructuur wordt gevormd door de Aalsmeerderlaan (die inmiddels tot de Burgemeester Hoffscholteweg is gedoopt) die het verkeer om het dorp heen moet leiden. Wie letterlijk en figuurlijk uitzoomt op Aalsmeer-dorp ziet dat deze ‘patiënt’ niet voor het eerst onder het mes is gegaan en dat de hart en de bloedvaten het nodige hebben meegemaakt.

Aalsmeer in 2000

Hieronder het Aalsmeer van mijn (vroege) jeugd, het Aalsmeer van het jaar 2000. De N201 loopt als onomstreden rode draad door Aalsmeer. Nog geen spoor van wijken als Dorpshaven en De Werven. Restaurant De Hoge Wilgen heette nog niet In de Zotte Wilg, laat staan De Haven. VVA zat nog aan de Dreef en Joop van den Ende in de studio’s. Maar we kijken verder, een klein sprongetje.

Spoorloos
Mijn eerste column op AalsmeerVandaag ging al grotendeels over een fenomeen dat ik in Aalsmeer zelf nooit meer gezien heb: spoorlijnen. Tussen de oogharen door zie je nu de contouren van de baanvakken van weleer in het Aalsmeerse stratenplan. Zo’n 60 jaar hebben ze dienst gedaan toen in 1973 definitief het doek voor de spoorlijn viel. Anders dan bij onze ‘oude N201’ verdwenen de spoorlijnen niet direct maar lagen ze, naar ik begreep, nog zo’n tien jaar praktisch ongebruikt in het zicht. Het zal me niets verbazen als er ooit een Aalsmeerse columnist geweest is die daar wat van gevonden heeft. Op het kaartje hieronder zie je de spoorlijnen, komend vanaf de Kolenhaven (WV Nieuwe Meer) kruisen met de N201 waarna ze opsplitsen naar noord, oost en zuid.

Aalsmeer 1972
Aalsmeer 1948
Aalsmeer – 1910

Over de brug komen
Nog leuker wordt het wanneer je nóg een stapje terugdoet. Het nét naoorlogse Aalsmeer. De N201 moest nog worden aangelegd en dus waren de enige twee overgangen over de ringvaart: een draaibrug bij de Kanaalstraat en een spoordraaibrug aan het einde van wat nu de idyllische Oude Spoordijk is. Dat deze bruggen het niet alleen konden bolwerken blijkt uit het bestaan van het Aalsmeersveerhuis nabij waar nu de Aalsmeerderbrug is. Al is op dit kaartje niet echt duidelijk waar de veerman precies aanmeert aan de Aalsmeerse kade… En het werpt de vraag op hoe het gebied genoemd werd dat we nu ‘Aalsmeerderbrug’ noemen…

De weg vragen
De één-na-laatste stap terug: 1910. Stel: Je staat op de Aardbeienbrug op de Uiterweg. De originele nog. En je vraagt een toevallig voorbijlopende Aalsmeerder hoe je het snelst in Amstelveen komt. Is de kans best aannemelijk dat hij/zij ongeveer dit heeft gezegd. “A, wat moet jij in Amstelveen?” (sommige zaken veranderen niet) maar vervolgens zal ‘ie je antwoorden: “je gaat hier de Uiterweg af en aan het einde ga je linksaf de Zijdstraat in. Die loop je uit tot je de dorpskerk ziet, die met die hoge toren en daar ga je rechtsaf de dorpsstraat in. Die dorpsstraat loop je uit en aan het einde met de bocht mee rechts de lijnbaan op. Aan het einde van de lijnbaan met de bocht mee naar links de Oosteinderweg op. Die loop je zo’n vijf kilometer lang af en je bent in Amstelveen.” En die weg is tot de dag van vandaag, onveranderd, te lopen.

Aalsmeer (periode 1815-1845)

Een trip
De laatste stap van dit gedachte-experiment zit tegen het hallucinante aan. We gaan nog een kleine eeuw verder terug en komen aan in het Aalsmeer van 1830. Het Aalsmeer van de eerste Kreike’s (want die zijn er pas sinds 1816). Een verkeerscirculatieplan van Aalsmeer geschreven in 1830 zou verrassende inzichten hebben opgeleverd. Flaneren langs de kade van de woeste Haarlemmermeer of een rondje kleine poel wandelen via Uiterweg en de Westeinderdijk die nog geen sloot is. De Oosteinderweg lijkt in deze de constante factor als uitvalsweg. Samen met de Legmeerdijk, die nog met recht een dijk mocht heten midden 19e eeuw. Meer nog dan ‘behoud wat je hebt’ lijkt ‘onderzoekt alles maar behoudt het goede’ van toepassing op de Aalsmeerse zoektocht naar mobiliteit en ontsluiting.

Dus… Waar begonnen we ook al weer. O ja: Aalsmeer lijkt wel een bouwput met wegafsluitingen, files en (onverwachte) omleidingen. Het einde lijkt in zicht en misschien stemt dat ons milder. Zo blijkt toch dat er tussen de weg kwijt zijn en aan de weg timmeren verrassend weinig verschil zit.

Bronnen:
Kaarten via het Kadaster (via topotijdreis.nl/) en Gemeente Aalsmeer (Bestemmingsplan Polderzoom Fase 1 via Planviewer)
Gemeentebeschrijvingen regio Meerlanden van de Provincie Noord-Holland (Monumenten Inventarisatie Project Noord-Holland (via zoeken.hetnieuweinstituut.nl

Erik Kreike groeide op in Aalsmeer-Dorp, studeerde politicologie, kan vanuit zijn Kwakelse dakraam de watertoren zien (bij helder weer en als de bomen kaal zijn…) Hij is bestuurslid van het Uithoornse CDA, beleidsadviseur economische ontwikkeling bij gemeente Kaag en Braassem en presentator van Radio Aalsmeer Politiek.

Lees vorig bericht

Trio triomfantelijk geslaagd

Lees volgend bericht

Foto 347: verzin en win


3 Reacties

  • Dank John voor deze mooie toevoeging! Nu je dit zegt ging er inderdaad een (vaag) lampje branden… Als oud-postbode had ik collega’s die ‘vroeger’ de 32B (achterkant Oosteinderweg) liepen tot midden in het Amsterdamse bos, dat toen Aalsmeers was. In dat licht zou een gesprek met een Aalsmeerder uit 1910 nóg boeiender zijn haha.

  • Erg interessante column! Sinds twee jaar woon ik niet meer in Aalsmeer. Inmiddels herken ik de weg al bijna niet meer terug, ook al kom ik zeker maandelijks eens langs. Zo te zien is deze snelle doorontwikkeling niet iets van alleen deze tijd maar al zo’n tweehonderd jaar een continu proces. Goed stuk, ik ga de kaarten eens wat aandachtiger bestuderen!

  • Leuk geschreven Erik,

    Alleen rond 1910 lag de gemeentegrens met Amstelveen nét even anders dan tegenwoordig.
    Wanneer je nu aan het einde van de Oosteinderweg komt, passeer je de gemeentegrens met Amstelveen.
    Tot 2002 hoorde bijvoorbeeld de Kleine Noorddijk bij Aalsmeer en liep die grens helemaal door tot op slechts een kleine kilometer afstand van het oude centrum van Amstelveen(Nieuwer-Amstel).
    Ongeveer op de plek waar vlakbij tegenwoordig het hoofdkantoor van KLM staat.
    Hier lag eeuwen geleden de Schipholsloot, die de meest noordelijk gelegen gemeentegrens van Aalsmeer was, dus tot en met begin 2002.
    Sinds een grenswijziging met Amstelveen zijn we dit bijzondere stukje Aalsmeer kwijtgeraakt.
    Bekijk de door jou geplaatste kaartjes nog maar eens goed en kijk dan waar de ‘Landscheiding’ vóór 2002 precies heeft gelopen.
    Rond 1910 lag de dichtstbijzijnde gemeentegrens met Amstelveen, ongeveer op de plek waar nu de kruising is van de nieuwe N201(Burgemeester Brouwerweg) met de N231(Legmeerdijk).
    Daar ligt nog steeds die grens met Amstelveen gezien vanaf de Aardbeienbrug.
    Misschien kan je in een volgende column eens aandacht besteden aan de geschiedenis en de gevolgen van die eeuwenoude ‘Landscheiding’.
    Wanneer je op sommige plekken goed kijkt, bijvoorbeeld aan de Machineweg of de Hornweg, dan kan je nog steeds terugzien dat de gemeentegrens Aalsmeer/Amstelveen vroeger iets anders heeft gelopen dan nu.

    Opgegroeid in het noordelijke grensgebied van Aalsmeer/Amstelveen(Bovenkerk)

Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *