Is Aalsmeer klaar voor participatiesamenleving?

(Commentaar) Als het aan de gemeente ligt is Aalsmeer er klaar voor. Op donderdag 9 januari werd tijdens de commissievergadering Maatschappij en Bestuur het rapport ‘De kracht van Aalsmeer’, Strategie Sociaal Domein 2019-2023. besproken. Een behoorlijk abstract geschreven dynamisch rapport vol goede bedoelingen over wat de gemeente allemaal van plan is te doen. Samengevat in een spoorboekje en met een infographic, een combinatie van tekst en beeld, verduidelijkt. Wie kan daar tegen zijn? In ieder geval niet Maaike Vertregt van GroenLinks, die vond dat het er mooi uitzag met veel toelichting erbij.

Om zicht te krijgen op de taken waar de gemeente zich voor geplaatst ziet, zal ik ingaan op de op de voorgeschiedenis en de erachter liggende visies. Wat betreft commentaar, zal ik vooral leunen op een interview met Jet Bussemaker naar aanleiding van de door haar op 15 februari 2019 uitgesproken oratie: Zorg als sociale kwestie.

Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving
In 1991 hield de PvdA-leider Wim Kok zijn achterban voor dat de verzorgingsstaat niet meer te betalen was. De basis was goed, je vangt elkaar op wanneer je pech hebt. Het leidde tevens tot het in stand houden van verworven rechten. Als mensen een uitkering hadden, hoefden ze zich niet meer in te spannen. Kok betoogde dat de ‘saamhorigheid’ een andere gestalte moest krijgen. Hij repte van een overgangsfase, van de verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving. In 2013, stelde koning Willem-Alexander dat de klassieke verzorgingsstaat diende te veranderen in een participatiesamenleving. Iedereen die dat kan, neemt verantwoordelijkheid en draagt actief bij aan zijn of haar eigen leven en omgeving. Het is zowel een bezuinigingsoperatie  als een politieke ideologie. Links legde het uit als een operatie om de onderlinge solidariteit te bevorderen en rechts als een aansporing tot het nemen van meer verantwoordelijkheid.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
In 2007 hevelde de Wmo de thuiszorg over van het Rijk naar de gemeenten. Daarbij werd een nieuwe koers ingeslagen op het gebied van ondersteuning. Burgers moesten eerst voor zichzelf en hun naasten zorgen en ‘mogen’ pas daarna een beroep doen op instanties. De (lokale) overheden zouden hierbij voornamelijk ondersteuning en compensatie moeten bieden. In 2011 werden nog meer taken aan de gemeenten overgedragen en in de Wmo van 2015 werd ook de langdurige zorg voor mensen met een beperking of met chronische psychische problemen bij de gemeenten ondergebracht.

De kracht van Aalsmeer
Met de stelling dat ze haar inwoners zoveel mogelijk de ruimte wil geven om voor elkaar klaar te kunnen staan en elkaar te helpen doet de gemeente voorkomen alsof de mensen van ongeduld staan te trappelen. Aalsmeer is weliswaar een gemeente met veel enthousiaste vrijwilligers, maar ook hier speelt de individualisering een rol en zijn er te weinig mantelzorgers om overbelasting te voorkomen. De gedachte dat Aalsmeerders doeners en aanpakkers zijn ‘De kracht van Aalsmeer’ genoemd, lijkt mij meer de vader van de wens.

Van participatiesamenleving naar sociale investeringsstaat?
Critici van de participatiesamenleving stellen dat het wegvallen van overheidsondersteuning de werkelijk kwetsbaren voor grote problemen plaatst. De armlastigen, de chronisch zieken, degenen die geen netwerk hebben of nauwelijks familie. Tot voor kort kon men nog redelijk onafhankelijk en zelfstandig leven.

Voormalig minister Jet Bussemaker stelt in een interview dat men achteraf te optimistisch was. In een participatiemaatschappij wordt verondersteld dat iedereen ook kán participeren. Maar er zijn mensen die dat niet kunnen en die hopeloos verstrikt raakten in complexe overheidsbureaucratie en marktwerking. De solidariteit kwam onder druk te staan en de verschillen tussen zelfredzame en kwetsbare burgers is alleen maar toegenomen. Zij pleit voor en andere benadering: de sociale investeringsstaat. Het sociaal beleid niet alleen zien als een kostenpost, maar ook als een investering om burgers zelfredzamer te maken. Niet meer denken in ‘one size fits all’, maar beleid meer richten op kwetsbare groepen. Ze kampen met veel meer dan gezondheidsklachten: werkloosheid, laaggeletterdheid en schulden. Algemene maatregelen hebben in haar ogen weinig zin, vooral hoogopgeleiden profiteren ervan. Belangrijker is het om je af te vragen wat een kwetsbare groep, met hoge zorgkosten, nodig heeft.”

Aalsmeer wil dat iedereen naar vermogen mee kan doen en niemand buiten de boot hoeft te vallen. Een prachtige wens maar om goed beleid te kunnen maken moet wel duidelijk zijn over wie we het hebben, wat voor specifieke aanpak nodig is en of we dat wel kunnen leveren.

Preventieve maatregelen
Met preventieve maatregelen en voorzieningen op het gebied van de Wmo, de Jeugdwet en Werk & Inkomen wil de gemeente problemen voorkomen. Vroege signalering, gerichte preventie en een beter bereik van inwoners die hulp en ondersteuning nodig hebben. Bij multiproblematiek streeft ze naar integrale oplossingen. Dit vraagt een goede samenwerking in de uitvoering tussen interne afdelingen (onderling) en externe partners. Prachtige wens, maar waar komt dat in de praktijk op neer? Is die goede samenwerking wel mogelijk? Zijn de hulpverleners daar wel op voorbereid? Hebben ze de juiste opleiding?

In haar oratie noemt Jet Bussemaker haar grootvader, een huisarts die bij zijn patiënten thuis kwam. Hij kende niet alleen hun ziekte, maar ook hun huwelijksperikelen, angsten en dromen. Hij had een spilfunctie in de gemeenschap. Die sociale samenhang, die integrale benadering bij één professional, dat mist zij. “Geneeskundestudenten van nu zijn gericht op het verstouwen van veel kennis. Tegelijk weten ze weinig van wat er om de zorg heen gebeurt. Dat je wel van alles kunt voorschrijven, maar dat daar niks mee gebeurt als iemand laaggeletterd is. Artsen en patiënten spreken elkaars taal niet.”

Keukentafelgesprekken
Als voorbeeld van het spanningsveld tussen goede bedoelingen en de weerbarstige praktijk haalt de interviewer de door Bussemaker geïntroduceerde keukentafelgesprekken aan die wijkteams gingen voeren bij ouderen en kwetsbare burgers thuis. Nu, tien jaar later, kijkt ze daar kritisch op terug. Wat ging er mis? “Ons idee was dat professionals beter zouden samenwerken. En dat we meer gebruik zouden maken van de eigen kracht van burgers en hun sociale kring. Maar in de praktijk gingen wijkteams niet echt anders werken. Er zijn nog steeds gezinnen waar tien professionals langskomen.”

U wilde professionals meer vrijheid geven om mensen te helpen. Waarom lukte dat niet?

“We zijn doorgeschoten in denken in protocollen en richtlijnen. De reflex om regels te maken zie je terug in alle sectoren van de zorg, maar ook bijvoorbeeld in het onderwijs. Professionals werken graag een afvinklijstje af, het geeft houvast en voldoening.”

Rapport Eindevaluatie van de Participatiewet+
De enige die een opmerking maakte over de inhoud van het Strategiedocument was Sybrand de Vries van D66, die vroeg of de conclusies van het ‘Rapport Eindevaluatie van de Participatiewet’ van het Sociaal Cultureel Planbureau (november 2019) al waren verwerkt in het document en zo niet of er dan nog een aanvulling was te verwachten.

Vergrijzing
Overige opmerkingen waren meer detaillistisch, behalve het onderwerp de vergrijzing. Dat werd aangekaart door het CDA raadslid Ankie Harte-Fokker. Ze miste deze ambitie op de maatschappelijke agenda en wilde deze er met name op het gebied van het wonen en voorzieningen aan toevoegen. Nanda Hauet van de VVD wees erop dat deze problematiek nog veel verder gaat: grotere zorgvraag, te weinig handen aan het bed, mantelzorgers die wegvallen en zelf zorg nodig hebben, toenemend aantal mensen met dementie en te weinig hierop aangepast vastgoed. Hoe daar mee om te gaan zag zij als een onderwerp voor een toekomstig debat.

Verwondering
Graag wil ik, ter verantwoording van deze wat lange bijdrage, eindigen met een citaat van Jet Bussemaker: “verwondering is de basis van de wetenschap, én van maatschappelijke vooruitgang. Beperk je niet tot het opdoen van kennis, maar blijf vragen stellen, blijf je verwonderen.”

Tekst Joop Kok

(advertentie)

Lees vorig bericht

Warm welkom op nieuwjaarsbijeenkomsten CDA en D66

Lees volgend bericht

Foto 277: verzin en win


Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *