Steriel liefdeleven

‘Bloemen houden van mensen.’ Een pakkende reclameslogan. Maar grote onzin. Want het is voor mensen wel mogelijk om van bloemen te houden – maar omgekeerd…

Het ‘liefdeleven’ van bloemen speelt zich op een heel ander niveau af. Er zijn in Aalsmeer veel mensen die hun brood verdienen met de bloemen- en plantenhandel. Maar ik vraag me af of er iemand bij is die zich realiseert wat de functie is van al die leuke kleuren, geuren en vormen.

Het gaat om voortplanting; beter gezegd: om bevruchting. Er is sprake van symbiose: ‘het samenleven van twee ongelijksoortige organismen tot wederzijds voordeel’, aldus het woordenboek. De bloempjes en de bijtjes. Zo begon vroeger de seksuele voorlichting – die tegenwoordig hopelijk heel wat directer geschiedt.

Maar in wezen gaat het daar wel om. Zij het dat die bloemen de meest spectaculaire vormen aannemen om hun stuifmeel te laten transporteren naar de stamper van een soortgenoot. De transporteurs kunnen inderdaad bijen wezen, maar ook wespen, vlinders, mieren, vliegen, kolibries en ander gedierte dat soms helemaal gespecialiseerd is in het halen van nectar en stuifmeel uit een bepaald soort bloem. Dat kunnen orchideeën zijn, of paardenbloemen enzovoort.

Al die ‘uitsloverij’ van die verschillende bloeiwijzen is door de bloemenhandel overbodig geworden – maar wel verder gecultiveerd. Wie weet nog dat onze geurloze rozen met hun talloze zich ontvouwende bloemblaadjes afstammen van wilde rozen zoals de simpele naar appeltjes ruikende egelantier? En dat de doorns niet alleen het aanvreten door grazers moesten voorkomen, maar ook het klimmen mogelijk maken?

Ik was een klein jongetje toen mijn vader, de bloemenexporteur Wim Tuning, mij uitlegde dat bloemen die in een vaas staan, geen zaden meer vormen. Later leerde ik het woord daarvoor: steriel. Hoe plegen de bloemen en planten die in de veiling verhandeld worden, zich dan voort te planten? Niet door middel van zaad, maar ‘ongeslachtelijk’ door stekken, scheuren, ‘oculeren’ of  door het afsnijden en laten wortelen van ‘meristeemcellen’ (stamcellen aan de groeitoppen van stengel en wortel). Daarmee krijg je een eenvormig product van allemaal klonen van elkaar.

Nieuwe soorten en variëteiten worden natuurlijk wel verkregen door stuifmeel bij een stamper te brengen. Hierbij komt de mens met een penseeltje in de plaats van de natuurlijke bevruchter.  Als de kruising slaagt, dan heet dat ‘veredeling’ en kan de ongeslachtelijke productie van de zwartste tulp, de langsteligste roos en de grootste chrysant beginnen.

Die veredeling – genetische manipulatie dus – is al meer dan tienduizend jaar aan de gang. Sinds de ontwikkeling van de landbouw wordt geteeld, gefokt en gekweekt door enerzijds ingrijpen in de selectie en anderzijds ongeslachtelijke voortplanting.

Alles wat wij produceren en consumeren, is veredeld. In mijn tuin staat een boom (malus) met rode sierappeltjes ter grootte van een kers. Maar in de schaal liggen Fuji-appelen – of zij nu uit Frankrijk of Brazilië komen, zij zijn volledig identiek. Als ik brood eet, is het van een inmiddels onherkenbaar geworden grassoort. Vlees komt van koeien waarvan de wilde voorouders allang zijn uitgestorven, of van varkens die zes keer het gewicht van een wild zwijn hebben.

De mens heeft van een wolf een schoothondje weten te maken en van een insectenverleider steriele handelswaar. Natuur, je praat over natuur?  Ons aangelegde groen is de natuur. En de vogeltjes komen graag aanvliegen om van onze pindastrengen of vetbollen te pikken. Dat was precies de bedoeling.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin
banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin