Pierre’s Pennenstreken: ‘Dooldemocratie’

Raadsvergadering in coronatijd (Foto archief AV)

Door: Pierre Tuning. Pennenstreek 387. De eerste week van mei is de week van de vrijheid. Wij herdenken degenen die zich letterlijk kapot hebben gevochten voor de vrijheid en vieren de vrijheid van onderdrukking. Wij leven nu in een democratische rechtstaat, waarin onze vrijheden geregeld worden. Let wel: er staat ‘geregeld worden’ – en niet ‘geregeld zijn’. Want er wordt inmiddels zo veel geregeld, dat er regels nodig zijn om te repareren wat fout gaat. Met als gevolg dat er inmiddels zoveel regels zijn, dat vrijheden in gevaar komen.

Dat is vanzelf gegaan. Omdat het kan. De computer, de digitalisering, de automatisering heeft dat mogelijk gemaakt. Je kunt niemand verantwoordelijk stellen, omdat alle regels met de beste bedoelingen (in de computer) zijn ingevoerd. Alles gebeurt, omdat het mogelijk is. ‘Waarom likt een hond zijn ballen? Omdat het kan!’

Processen doorzien
Op 16 maart 2022 zijn er weer verkiezingen voor de Aalsmeerse gemeenteraad. Stel je kandidaat! ‘Je debatteert met gemak, je hebt een visie voor de gemeente en kunt die goed verkondigen. Je durft, in overleg, strategische keuzes te maken. Je bijt je vast in de dossiers, hebt structureel contact met inwoners en weet hen goed te vertegenwoordigen. Je kunt maatschappelijke en politieke processen doorzien en weet wanneer iets verstandig is om wel, of niet, te doen. Je laat je zelf niet uit het veld slaan door een tegenslag en bent niet bang om lef te tonen.’ (Dit was een kleine greep uit de ‘profielschets’ van D66 voor een lijstaanvoerder en kandidaat-raadsleden.)

Hier wordt het onmogelijke gevraagd. Want: ‘Raadsleden kunnen hun taken niet meer aan.’

Aan het woord is een ervaringsdeskundige: Jan Dirk Pruim, de scheidend griffier van Almere in NRCvan 29 april 2021. Net als anderen waarschuwt hij voor de erosie van de democratie: de gemeente is steeds meer een uitvoeringsinstantie geworden. ‘Rijkstaken zijn overgeheveld naar gemeenten, maar zijn vaak nog gebonden aan de regels van het Rijk, zoals in de jeugdzorg. Andere lokale taken zijn ondergebracht in samenwerkingsverbanden met buurgemeenten, regio’s, of worden uitgevoerd door semipublieke instellingen met eigen raden van toezicht, zoals bibliotheken of scholen. “Speeltuinen van bestuurders en ambtenaren,” noemt Pruim die. Volksvertegenwoordigers hebben er slecht zicht op, hebben vaak geen controlerende bevoegdheid, worden slechts in klankbordgroepen bijgepraat.”

Zorgen
Voor mij ligt een stapel boekjes (maak je geen zorgen: ze zijn niet zo dik). Ze gaan allemaal over het probleem wat wij aan moeten met de maatschappij van de toekomst. Chris van der Heijden, Te goed geregeld: De overorganisatie van Nederland. Hoofdstukken met de titel: ‘Wat doen we ze aan, onze kinderen?’ – ‘Bureaucratie zit diep in onze haarvaten’ – ‘Onze voortvarende regulering van regels’ – ‘De betrekkelijke voordelen van digitalisering’ – ‘Onszelf aan de eigen haren uit het moeras trekken’.

David Van Reybrouck, Tegen verkiezingen. ‘De sleutel naar een bestuursvorm waarbij het volk zich werkelijk uitspreekt, ligt bij het democratische beginsel van het oude Athene: loting.’

Herman Tjeenk Willink, Groter denken, kleiner doen. ‘Een oproep om de vaak ongemakkelijke feiten onder ogen te zien, positie te kiezen, het debat aan te gaan en grenzen te trekken. Alleen met een sterke democratische rechtsorde kunnen fundamentele problemen effectief worden aangepakt, nieuwe crises het hoofd geboden, en burgers en overheid op elkaar vertrouwen.’

Pieter Omtzicht, Een nieuw sociaal contract. ‘Het hele weefsel van de rechtsstaat moet worden onderzocht en gerepareerd’. Voorstellen: ‘Vernieuwing van het kiesstelsel via provinciale kieskringen’ – ‘Een volksvertegenwoordiging die haar kerntaken serieus neemt: wetsvoorstellen artikelsgewijs behandelen’ – ‘Betere rechtsbescherming van burgers en kleine ondernemingen’ – ‘Een benaderbare ambtelijke dienst’ – ‘Serieus nemen van grondwettelijke taken: onderwijs, volkshuisvesting, bestaansminimum’ – ‘Minder planbureau, minder modellen, meer mensen’.

Ramsey Nasr, De fundamenten. ‘Aan de hand van kunstenaars als Boccaccio, Rilke en Van Gogh houdt Nasr een pleidooi om onze plek op aarde en ons idee van geluk radicaal te herzien, niet als zweverig ideaal, maar puur uit lijfsbehoud.’

Ik denk aan het liedje van Barend Servet uit 1973: ‘Waar moet dat heen, hoe zal dat gaan, waar komt die rotzooi toch vandaan?’

 

Lees vorig bericht

In Memoriam: Lico de Buck

Lees volgend bericht

Bloemencadeautje voor horeca


Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *