Bruggemeester van Aalsmeer

Enige maanden geleden verscheen het regeerakkoord genaamd Bruggen slaan. Een brug is een woord dat veel woord wordt gebruikt in documenten en speeches. Je leest of hoort vaak: “bruggen slaan”, “een brug te ver” en “bruggenbouwers”. Burgemeester en burgers zijn afgeleid van het woord burg, iets wat weer voor burcht stond in de verre geschiedenis van ons vaderland.

De burgemeester is van oudsher de eindverantwoordelijke voor de burcht en verleende mensen het recht zich hierin terug te trekken tijdens noodtoestanden, waarbij de rechthebbenden burgers werden genoemd.

Een burgemeester is ook een bruggenbouwer. Hij moet in een lokale samenleving verbinding maken, samenwerkingen stimuleren, initiatieven steunen. Om die reden was de vraag van Commissaris van de Koningin Remkes in november 2012 geen vreemde aan de Aalsmeerse gemeenteraad: “Wat voor burgemeester wenst u nu, een verbinder, een realisator of een netwerker?” – in reactie op het compromis dat alle fracties in de profielschets hadden bereikt.

Remkes concludeerde ook na twee termijnen zelf maar dat dit de verbinder moest zijn.

Het regeerakkoord sprak in oktober van 5 landsdelen en 100.000+-gemeenten. “Ontwikkelingen in de gewenste richting worden aangemoedigd,” zo luidde een aanvullende zin in het regeerakkoord. Het is overduidelijk wat de gewenste koers volgens het kabinet moet zijn. Maar is het ook onvermijdelijk? Wellicht lag hier wel de bestuurlijke agenda achter. Inmiddels niet meer geheim. Een slimme ‘googlelaar’ ziet reeds mogelijke samenwerking dan wel fusiescenario’s.

Hoewel in polder-Nederland experimentele constructies zich uitbreiden, is (bestuurlijk) niet iedereen positief. Provincies Noord-Holland, Flevoland en Utrecht worden met naam genoemd wanneer het gaat om de eerste samenwerking, of fusie. Hierna moeten er dan nog 4 landsdelen volgen. Gekscherend wordt al de nieuwe provincienaam van deze 3 provincies genoemd: Noord-Vlaanderen (uiteraard met een knipoog).

Wellicht gaan we weer terug naar de term ‘gewest’, de voorloper in naam van onze huidige provincie. En wellicht komen de 17 gewesten van de Lage Landen uit het Habsburgse Rijk weer terug of de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden? Dat het op ‘z’n elfendertigst’ zal gaan, voorspel ik u. Dat is de kracht en tegelijkertijd de keerzijde van democratie.

Voor Zeeland betekent een 100.000+-gemeentekoers vrijwel hetzelfde als de gehele provincie Zeeland, nu deze provincie een kleine 400.000 inwoners telt. Typisch weer een voorbeeld van de (on)macht van het getal. Waarom 100.000? Het moet om slagvaardigheid gaan en niet om kwantiteit. Waar ben je samen sterk in? Wat bindt je in de regio? Regio’s kunnen naar gelang de inhoudelijke, ruimtelijke en strategische aandachtspunten best een andere omvang hebben dan 100.000.

In Noord-Holland zijn al enkele samenwerkingsverbanden en (ambtelijke)fusies zichtbaar. Ik noem een fusiegemeente als Hollands Kroon, maar denk ook aan ons eigen centrumgemeenteonstructie Aalsmeer-Amstelveen. Uitzonderlijk is de positie van Uithoorn in dezen. Deze gemeente heeft een Middeleeuwse strategie. Zij heeft zich teruggetrokken op haar burcht, alle ophaalbruggen opgehaald en wacht tot de watervoorziening opraakt. Of gelooft zij in de vermijdelijkheid van de bestuurlijke samenwerkingen?

U hoort mij niet stellen dat het onvermijdelijk is, maar het krachtenveld op landelijk, provinciaal en lokaal niveau is sterk. Blijft er op termijn nog wel een vorm als de provincie of hebben we straks een rijksbestuur en grote samenwerkings- of gefuseerde krachtige regio’s? Het huis van Thorbecke schudt op zijn grondvesten.

Maatschappelijke ontwikkelingen zijn de oorzaak dat er naar andere bestuurlijke vormen gekeken wordt. De aanhoudende druk op overheidsfinanciën, economische en demografische ontwikkelingen en de decentralisatie van overheidstaken (bijv. jeugdzorg) vragen dat dergelijke omvangrijke vraagstukken niet meer door gemeenten van een zekere omvang aangepakt kunnen worden. Fuseren is geen noodzaak, maar samenwerking wel. Klein blijven is dapper, maar raakt de inwoner nog meer in de portemonnee.

Eén ding staat vast. Een burgemeester moet per definitie een bruggenbouwer zijn en misschien wel of juist om die reden zou elke burgemeester voortaan bruggemeester moeten heten! Dat stelt hoge en uitdagende eisen aan onze nieuwe bruggemeester. Wat wordt het ditmaal? Eindelijk eens een vrouw? Van de VVD of CDA? Als ze maar bruggen bouwt en het lef heeft om ook bruggen op te halen. Alleen dan ben je van harte welkom in werelddorp Aalsmeer!

 

Lees vorig bericht

Epo in de Sportlaan

Lees volgend bericht

Het lege nest


Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *