Bloemenlust

Zangeres Rika Jansen, alias ‘Zwarte Riek’, scoorde in 1956 een megahit met M'n wieggie was een stijfselkissie. Soms hoor je het nog weleens op de radio. Het wieggie van mij was een veilingkissie. Althans, dat had heel goed gekund. Ik ben namelijk naast veiling Bloemenlust geboren. En een heel eind getogen, trouwens. Tot mijn zestiende. De veiling had de kwekerij van mijn vader en oom gekocht, vandaar dat ik in 1962 mijn dierbare plekje grond aan de Oosteinderweg vaarwel moest zeggen.

Waar mijn jeugd lag, ligt nu een parkeerterrein. Naast restaurant Centennial (hotel Chariot), gevestigd in de voormalige christelijke lagere school. Daar heb ik ook op gezeten. Ik hoefde slechts door een gat in het hek tussen ons huis en de school te kruipen en ik was er. Onlangs heb ik daar in het restaurant heerlijk gegeten. Wel een vreemde gewaarwording. Want ik had zicht op de plek waar eens mijn wieggie stond. Waar ik bij meester Dam in de zesde klas mijn pen in de inkt doopte, stak ik nu een vork in een malse biefstuk.

Aan de Oosteinderwegkant van het parkeerterrein, naast de sloot, staat nog altijd ‘onze’ kastanjeboom. De enige nog levende herinnering aan wat ooit het mooiste plekje van de wereld was. De ‘boom die alles zag’ van mijn jeugd. Waaruit ik met een stok de kastanjes sloeg, omdat ik niet kon wachten totdat ze vanzelf rijp op de grond tuimelden. De boom, waarachter ik mij onzichtbaar maakte en met een ruk aan het touwtje trok zodra iemand de daaraan vastgeknoopte portemonnee van de straat wilde oprapen.

Moet je tegenwoordig flink je portemonnee trekken om je (klein)kinderen in Chimpie Champ, gevestigd achter in de voormalige veiling, te laten spelen, in mijn tijd was Bloemenlust één grote gratis overdekte speeltuin. Zowel voor als na schooltijd beleefde ik er met m’n vriendjes de wildste avonturen. We deden er opzoekertje tussen de bloemenkarren en op de koperstribunes, bijvoorbeeld. ’s Woensdags kregen we er gym van Arie van Leeuwen en zaterdagsmiddags luisterden (en verstoorden) we er de repetities van Aalsmeers Harmonie.

Eén van de meest illustere figuren in Bloemenlust was exporteur Sam Zurel. Ik verzamelde, zoals ieder kind in die tijd, sigarenbandjes. De meeste, zo niet alle exporteurs, liepen op de veiling rond met van die grote knakkers in hun mond. Dus gingen we regelmatig de boxen af, om bij de exporteurs om sigarenbandjes te zeuren. Zurel rookte sigaren, waaromheen hij zijn eigen sigarenbandjes had. Hij liet ze in verschillende uitvoeringen maken, vooral heel groot en met zijn eigen beeltenis erop. Ik was gek op die Zurel-bandjes.

De veilingvloer lag altijd bezaaid met sigaren- en sigarettenpeuken. Zochten we de grootste en gingen die, verscholen achter de veilingkarren, stiekem oproken. Uiteraard verraadde de rook je en werd je door een van de veilingportiers, Vermeer of Van Itterzon, gesommeerd tevoorschijn te komen. Ook zij woonden naast de veiling, in een dubbel woonhuis, dat er nog steeds staat. Van Itterzon, met zijn onafscheidelijke hondje Pandie, vond ik de aardigste van mijn twee buurmannen; Vermeer was een wat norse man, altijd en eeuwig kauwend op pruimtabak.

Bloemenlust was dé sociale ontmoetingsplaats van het Farregat. Kwekers ontmoetten er elkaar bijna dagelijks, verenigingen hielden er hun bijeenkomsten, schoolfeesten werden er gehouden, muziek- en sportevenementen vonden er plaats en in november hield de Coöperatieve Brood- en Banketbakkerij ‘De Eendracht’ er zijn jaarvergadering, die door honderden leden werd bijgewoond, omdat ze na afloop gratis een speculaaspop mee naar huis kregen. En ieder jaar werden in de zogenaamde ‘lange gang’, achter Zaal 2, de corsowagens van de buurtverenigingen in Oost versierd. Kortom, er was altijd reuring in en rond Bloemenlust.

Afgelopen week werd 100 jaar bloemenveilingen Aalsmeer gevierd. Het feestprogramma vermeldde onder meer een dagelijkse expositie historische foto’s en films over Bloemenlust, van ’s morgens negen tot ’s nachts één uur in The Beach. Dat beloofde dus wat. Ik er afgelopen week op een middag heen. Nadat ik mijn auto onder ‘mijn’ kastanjeboom had geparkeerd, liep ik over de plek waar eens mij wieggie stond, langs mijn voormalige lagere school (waarvan alleen het fietsenhok nog in oorspronkelijk staat is) en de voormalige portierswoning, naar The Beach.

Bij de ingang van de voormalige veiling, vroeg ik aan een medewerker van The Beach (hij had een shirt met die naam erop aan) waar ik moest zijn voor de Bloemenlustfilm. Hij keek mij aan alsof hij water zag branden. “Bloemenlustfilm, daar weet ik niks van,” en verwees mij voor mogelijk meer informatie naar het restaurant. Daar stond zo’n yuppieachtige knul achter de bar, met een blik van ‘ik ben er niet’. Omdat er niemand anders te bekennen was, sprak ik hem toch maar aan.

“Komt u voor de film,” schrok het ventje. “Ja, die draait hier toch,” vroeg ik. “Ja maar, de zaal zit nog op slot. U bent de eerste die er voor komt,” zei hij. “O, dus de belangstelling is groot,” grapte ik, maar gezien zijn reactie niet helemaal geslaagd. “De film duurt niet zo lang, hoor,” probeerde hij mij nog op andere gedachten te brengen. Daar trapte ik niet in, ik wilde per se die bijzondere Bloemenlustfilm zien. “Nou, dan ga ik de sleutel maar even halen, wacht u maar hier,” verzuchtte hij hoorbaar.

Na tien minuten wachten in een verder leeg restaurant (het was ook nog te vroeg voor het aangekondigde ‘menu van vroeger’), kwam het knulletje weer opdagen. “Komt u maar mee.” Op een draf loodste hij me door het gebouw naar de gerestaureerde veilingtribune. “Ik zal dat ding aanzetten en laten draaien, dan kunt u de film zo vaak zien als u wilt.” Nou, dat was dan wel weer aardig van hem. Daar zat ik dan, helemaal alleen in mijn uppie op die tribune.

De filmvoorstelling duurde hooguit vijf minuten. Een Polygoonfilmpje uit begin jaren ’30, dat ikzelf al jaren op een dvd heb staan. Dit was het dus. Een armetieriger nostalgische filmvoorstelling heb ik nooit eerder meegemaakt. Op de terugweg naar de uitgang heb ik op mijn gemak in het voormalige veilinggebouw rondgekeken. Overal ontdekte ik kleine restanten uit een vervlogen veilingtijd. En waar nu enorme zandbakken liggen, zag ik mij in gedachten weer tussen de veilingkarren spelen.

Toen ik terug was bij mijn auto, heb ik onder ‘mijn’ kastanjeboom een tijdlang als naar een film gekeken naar de plek waar eens mijn wieggie stond, de tuin waarin ik speelde, de sloot waarin ik zwom, de school en de veiling. Goh…, uiteindelijk de mooiste film gezien die er bestaat!

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin
banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin