Kinderhulp Afrika helpt Uganda vooruit

Mathijs Piet (foto Arjen Vos)

Door: Arjen Vos Het was ergens eind jaren ’80 dat Mathijs Piet een telefoontje kreeg van een kennis uit Canada met een bijzonder verzoek. Of hij in Nederland opvang kon regelen voor een groep Ugandese kinderen die als kinderkoor op tournee waren en door de burgeroorlog in hun land niet meer terug konden. “Toen stonden hier ineens 30 Ugandese kinderen waar we voor moesten zorgen,” aldus Mathijs Piet, voorzitter van de Aalsmeerse stichting Kinderhulp Afrika.

Hij had nooit kunnen bedenken dat, door ‘ja’ te zeggen op dat bijzondere verzoek, er ver weg in een oerwoud van Uganda een compleet dorp zou verrijzen met onder meer een school, een campus, een kerk en een kliniek. Door de jaren heen hebben duizenden kinderen onderwijs gekregen en de kans benut zich te ontwikkelen. Er is een stichting opgericht onder de naam Children’s Welfare Mission, in Nederland bekend onder Kinderhulp Afrika, dat niet alleen voorziet in scholing maar ook in tal van arbeidsplaatsen.

Afrikaans kinderkoor
Met de 30 kinderen waarmee het avontuur begon, trokken de Aalsmeerse begeleiders destijds in busjes heel Nederland door. Dit koor dat al snel bekend werd als ‘Afrikaans Kinderkoor’ werd een bezienswaardigheid en kreeg overal een podium voor optredens. Van tv-programma’s met Ted de Braak en Ivo Niehe tot kerkzalen. Toen de rust in Uganda enigszins was wedergekeerd, konden de kinderen terug en stond de begeleiding voor de keuze: stopt het hier of gaan we zelf iets opbouwen? Gekozen werd voor het laatste. “Een van onze medewerkers wilde wel voor de weeskinderen te zorgen door het bouwen van scholen en huisvesting,” vertelt Piet, “en dus begonnen we met bomen kappen en hutjes bouwen. Een lastige periode zonder elektriciteit en stromend water. We realiseerden een watertorentje met 600 liter water en een klein klaslokaaltje. Dan denk je 40 kinderen te hebben geholpen met les geven en klaar te zijn maar daarna stond de volgende groep kinderen alweer te wachten. En toen duidelijk werd dat de kinderen na hun schooltijd nog niet zelfstandig konden werken of leven, kwam er voortgezet onderwijs en een vakopleiding bij waar ze onder meer leren timmeren en metselen. Zo ontstond er langzaam maar zeker een compleet plan voor het hele gebied waarbij wegen werden verbeterd en de werkgelegenheid groeide.”

Moeilijkheden
De campus telt inmiddels een stabiel aantal van 1000 kinderen en zo’n 100 medewerkers waarvan er velen op het terrein wonen, werken en eten. Per dag worden er tussen de 2000 tot 3000 maaltijden bereid. In het begin met de stoomketel uit de keuken van het vroegere bejaardenhuis in het Seringenpark die door de KLM om niet werd ingevlogen. Piet vertelt het verhaal met een gemak alsof het op een achternamiddag allemaal is gerealiseerd maar gaat ook niet voorbij aan de moeilijkheden die op hun pad kwamen en nog steeds komen. Vooral op het gebied van veiligheid valt er altijd het nodige te vrezen en te verbeteren. “We hebben een muur van circa twee kilometer rond het hele complex gebouwd en er zijn continu beveiligers aanwezig. Heel belangrijk voor de veiligheid van de kinderen.”

Uitdagingen
Zo doemen er steeds nieuwe uitdagingen op waarbij de coronatijd ongetwijfeld de zwaarste periode was in het bestaan van de campus. Bijna twee jaar lang konden kinderen niet naar school en moest er net als bijna overal in de wereld geïmproviseerd worden met online lessen. Van de organisatie werd het uiterste gevraagd om de leerkrachten toch te kunnen blijven doorbetalen. Essentieel anders hadden ze op zoek moeten gaan naar ander werk en zou de school teruggeworpen zijn naar de basis. Dat scenario is net op tijd afgewend dankzij extra bijdragen van sponsors. Dat vele Ugandezen dankzij het Aalsmeerse initiatief een vak hebben geleerd en zelfs universitaire studies hebben afgerond waarmee ze bij kunnen dragen aan de ontwikkeling van hun land, zegt iets over het succes van het project.

Pijnpunt
In Aalsmeer is Kinderhulp Afrika voornamelijk bekend van de regelmatig terugkerende advertenties in de plaatselijke media. Echt omarmd door de lokale samenleving is de stichting, die kantoor houdt in de Studio’s, niet. Toch een beetje een pijnpunt vindt Piet. “Het blijft moeilijk om vooral de ondernemers in Aalsmeer warm te krijgen voor het werk van de stichting. We horen vaak: ‘wat krijgen we ervoor terug?’ Wij vinden dat het belangrijk is voor een bedrijf om niet alleen winst te maken maar ook mee te helpen aan de ontwikkeling van kinderen in arme landen. Wij denken niet alleen aan geldelijke steun maar willen ook mensen betrekken bij het werk in Afrika door bijvoorbeeld hun vakmensen in te zetten om een tijdje als vrijwilliger mee te draaien. Bijvoorbeeld als lasser, timmerman of vrijwilliger in de kliniek.”

Huidige situatie.
In Aalsmeer is de inmiddels 75-jarige Mathijs Piet onder meer bekend van het vroegere schildersbedrijf en mede-oprichter van de Levend Evangelie Gemeente (LEG). Gezien zijn leeftijd vindt hij het tijd geworden om te stoppen en zijn taken over te dragen. “Doordat ik al zo lang in Uganda kom, voel ik mezelf een halve Ugandees. Ik weet hoe ze denken en hoe ze de dingen aanpakken. Wat ik mooi vind is dat ik constateer dat ze door de jaren heen een ontwikkeling hebben doorgemaakt. In het begin dachten ze bij alles: dat lossen de Nederlanders wel op. Dat lag ook aan de Nederlanders zelf die orders uitdeelden maar die tijd is voorbij. Ze moeten het nu zelf doen. En dat doen ze ook.” Het hele project functioneert nu onder Ugandese leiding, waar Mathijs Piet bijzonder dankbaar voor is. “Op dit moment staan we opnieuw voor grote uitdagingen vanwege de explosieve stijging van energie- en voedselprijzen. Giften op Giro 5066 zijn altijd welkom.”

(Foto’s Kinderhulp Afrika)

 

 

 

 

 

 

 

Lees vorig bericht

Foto 390: verzin en win

Lees volgend bericht

Traditionele bloemenhulde voor Aalsmeerse PvdA-leden


Plaats reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *