Gemeente in gelijk rond slepende kwestie kajuitboot 

Een kajuitboot in het Bovenlandengebied. Niet de boot uit het artikel (Foto archief AV/Arjen Vos)

Door: Klaas Leegwater. Een langslepend conflict tussen de eigenaar van een kajuitboot en de gemeente is na tussenkomst van de Raad van State beslist in het voordeel van de gemeente. De hoogste bestuursrechter oordeelde vandaag dat het ingestelde hoger beroep van de booteigenaar tegen een eerdere beslissing van de rechtbank ongegrond is. De eigenaar mag zijn boot buiten het zomerseizoen niet langer dan twee keer 24 uur aanleggen bij een eiland op de Westeinderplassen.

De kwestie begon in november 2018 op het moment dat handhavers constateerden dat een kajuitboot langer dan 48 uur was aangemeerd bij het eiland. De Algemene Plaatselijke Verordening (APV) staat dit niet toe. Na een waarschuwing weigerde de eigenaar zijn boot te verwijderen waarna er begin 2019 een last onder dwangsom (5.000 euro) werd opgelegd.

Verweerschrift afgewezen
De man maakte bij de gemeente bezwaar tegen het besluit, met onder meer het argument dat het eiland zonder aanmering in de wintermaanden in waarde zou dalen, en dat zijn vader in 1998 van een ambtenaar in een faxbericht toestemming zou hebben gekregen voor permanente aanmering. De bezwaarschriftencommissie van de gemeente wees in augustus 2019 het verweer af.

Eerdere procedure
De booteigenaar tekende beroep aan bij de rechtbank. Die stelde de gemeente in juni 2021 in het gelijk. De rechter concludeerde onder andere dat de man zich niet kon beroepen op de mededeling van de gemeente (faxbericht) uit 1998 aan zijn vader omdat in een eerdere procedure al was geconcludeerd dat deze mededeling niet namens het bevoegde gezag was ondertekend en betrekking had op de lengte van de boot in de context van het toen geldende bestemmingsplan ‘Uiterweg 1985’.

Verpaupering
Ook stelde de rechter dat het belang van de booteigenaar om ook buiten het recreatieseizoen een ligplaats in te nemen niet opweegt tegen het algemeen belang van het handhaven van de wettelijke regels en bepalingen om verpaupering tijdens het winterseizoen in het gebied te voorkomen. Volgens de gemeente is het probleem van overlast en illegale bewoning in de winterperiode sinds 2015 steeds verder toegenomen waarna is besloten actiever te gaan handhaven

Twintig jaar
De booteigenaar ging in hoger beroep bij de Raad van State. De man voerde opnieuw aan dat handhaven in zijn geval onevenredig is door zijn specifieke situatie en belangen. En omdat zijn kajuitboot op de bewuste locatie aan een brede waterweg hier al twintig jaar ligt, en van verpaupering of illegale bewoning volgens hem geen sprake is. De Raad van State is het daar niet mee eens zo bleek vandaag. “Dat maakt op zichzelf de situatie niet zo uitzonderlijk dat de gemeente een permanente ligplaats in strijd met de APV moet toestaan.”

Het hoger beroep is ongegrond verklaard. De booteigenaar mag in het winterseizoen zijn kajuitboot op bewuste locatie niet langer dan twee keer 24 uur aanmeren. Doet hij dit wel dan zal de man opnieuw een last onder dwangsom worden opgelegd.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin
banner_martinez
adv desiree klein
mjk-advies
LJ-de-Vries
S4H
flower art museum
historische tuin