Dorry Omtzigt wint Groot Aalsmeers Dictee ’26

Winnares Dorry Omtzigt geflankeerd door de nummers 2 en 3: Gerda van der Klauw en Annigje Leighton

Door: Hermen de Graaf. Dorry Omtzigt is vrijdag de winnaar geworden van de jubileumeditie van het Groot Aalsmeers Dictee. De vijftiende versie werd vrijdag 9 oktober gehouden in de Trouwzaal van het raadhuis. Het dictee was geschreven door Irene van Gelder, voorgelezen door burgemeester Gido Oude Kotte en er waren 43 deelnemers. Het gemiddeld aantal fouten lag met 26 hoger dan gebruikelijk.

Dorry Omtzigt verschreef zich slechts elf keer op de 75 dicteewoorden. Gerda van der Klauw vergiste zich zestien keer, op de hielen gevolgd door Annigje Leighton met zeventien missers. Zij viel twee keer in de prijzen, want zij maakte tevens deel uit van team ‘De Notenkrakers’ dat op de derde plaats eindigde met Barbara Eveleens en Mariska de Graaf als teamgenoten. ‘Wie schrijft die blijft’ met Gerda van der Klauw, Martin van der Klauw en Marja van der Jagt eindigde in deze competitie op de tweede plaats. Aad Hofland en Joost en Miekje Hoffscholte van De Hofjes bleken het sterkste team. Hier lagen de uitslagen met respectievelijk 68, 66 en 65 fouten zeer dicht bij elkaar. “Tekenend voor het niveau”, stelde voorzitter Annemarie Braakman van het Groot Aalsmeers Dictee vast. Arjen Vos tekende met crème fraise (ipv crème fraîche) voor de fraaiste verschrijving.

Veelzijdig programma
Braakman leidde de deelnemers vlot door het veelzijdige programma, want er was veel meer dan een dictee. Ben Schoenmaker, voor het vijfde jaar sponsor als Schoenmaker Bedrijfsjuridisch Advies en Mediation benadrukte het belang van taal en een juiste schrijfwijze. “Zonder taal geen verhaal.” Met de evaluatie van de benaming ‘vijand’ via ‘tegenstander’ tot ‘wederpartij’ en ‘buur 1 en buur 2’ illustreerde hij hoe taal mensen kan samenbrengen.

Nieuw was het letterwoordspel, waarbij deelnemers werden uitgedaagd om met vijftien in willekeurige volgorde gegeven letters één lang woord te vormen. Theo Köhler, Mirthe Schoenmaker en Meta Stenneberg vonden het woord ‘jubileumviering’ en kregen hiervoor een prijsje.

Schrijfster van de 2026-editie: Irene van Gelder

Nog een jubileum
De bestuursleden Annemarie Braakman, Constantijn Hoffscholte en Hermen de Graaf gingen ter gelegenheid van het jubileum in op de historie van het Groot Aalsmeers Dictee. Dorpsdichter Marcel Harting, tevens deelnemer, sprak een ter plekke geschreven gedicht uit en daarna volgde een toelichting op de dicteewoorden door Braakman. “Alleen van de winnaars maken we het aantal fouten bekend, benadrukte zij.

Eén van de lastige dicteewoorden bleek het Flower Art Museum (mét hoofdletters), waar het Aalsmeerse taalevenement volgend jaar mogelijk weer zal kunnen worden gehouden. “Hier in het raadhuis voelen we ons ook zeer thuis,” bedankte zij burgervader Oude Kotte, die overigens als voorlezer met vijf jaar ook een jubileum had.

Een ander nieuwtje was dat Constantijn Hoffscholte na vijftien edities het bestuursstokje overdraagt aan taalliefhebber en vaste deelnemer Wilma Schoenmaker.

(Foto’s Jaap Maars. Zie meer foto’s onder de advertentie van Roots and Balance Fysio en daaronder de gehele tekst van het dictee.)

 

Van kruikenstad naar bloemendorp

1. Allereerst u allen gefeliciteerd met deze vijftiende* editie van het Groot Aalsmeers Dictee! Een feestelijke happening die we hierbij vieren met een soort cv van mij, als reisverhaal met alle culturele en culinaire genietingen van dien. Wees gerust: er hoeft niet te worden gequeued voor de incheckbalie!

*15e of 15de is ook goedgerekend

2. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kreeg Tilburg, toch al niet bekend om de eau-de-colognegeur, een inwoonster erbij, een zogenaamde kruikezeiker. Deze Noord-Brabantse stad is bekend om het koninklijk paleis van Willem II, de grootste kermis in de Beneluxen als wolstad.

3. Na het leren van aap-noot-mies en het bourgondisch genieten van worstenbroodjes en balkenbrij werd de levensloop verlegd naar de baronie Breda, een trotse vestingstad, zichzelf benoemend tot het Haagje van het zuiden, met zijn Koninklijke Militaire Academie en het Begijnhof.

4. ’s Zomers** een relaxte vakantie in het Zeeuwse Domburg, de badplaats met zijn karakteristieke paalhoofden en het chique badhotel. Er werd genoten van appetijtelijke bolussen en een variëteit aan mosselen met of zonder mayonaise. Destijds geen intercity’s met luxe coupés naar dit Walcheren maar een takke-eind in een deux-chevauxtje.

**Zomers is ook goedgerekend

5. De studie riep: op naar de oudste universiteit van Nederland, geschonken aan de stad Leiden door Willem van Oranje in 1575. Ook de stad van Rembrandt, museum Corpus en museum de Lakenhal, allesbehalve een jantje-van-leiden dus! En op drie oktober het Leidens Ontzet, gezamenlijk genieten van hutspot, haring en wittebrood.
En kilootjes erbij daarna!

6. Enkele jaren later als einzelgänger naar Amsterdam, geen
ad-hocbeslissing en niet op de bonnefooi maar uitentreuren overwogen.

Elke dag met tram 16 naar het Centraal Station en in de weekenden genieten van ossenworst, bruine cafés met een cappuccinootje en Ajax, onze dappere strijders met rood-witte schare.

7. Een kosmopolitische stad, toen nog zonder fatbikes en vermaledijde files, met iconische waterwegen en niet te vergeten Artis met zijn kangoeroes en giraffetjes. Kortom, een eldorado voor toeristen.

8. Hierna, om duizend-en-een redenen en zonder gejeremieer, naar Aalsmeer. Samen met Kudelstaart, een bloeiend dorp met zijn tig rotondes, beruchte viaduct en parallelbusbaan. Alles bij elkaar geen sinecure, je zou er bijna paranoïde van worden. Dan maar je neervlijen op een terrasje, roseetje of een glaasje limoncello erbij, of toch liever een apfelstrudel met crème fraîche?

9. Bekend om de grootste bloemenveiling ter wereld. Een fijne woonplaats door de Westeinderplassen, ook wel de Poel genoemd, met de watertoren. En natuurlijk ook de jaarlijkse feestweek, de unieke pramenrace en het spectaculaire Vuur en Licht op het water. Tijd voor huisje-boompje-beestje en het vinden van een eengezinswoning. We maakten kennis met het Aalsmeers turfje, mergpijpje, paling et cetera.

10. Het Aalsmeerse verenigingsleven is op velerlei gebied rijk vertegenwoordigd, zowel in cultureel als sportief opzicht. Vele vrijwilligers stellen zonder kinnesinne hun tijd beschikbaar voor KCA, Flower Art Museum, de Historische Tuin, Radio Aalsmeer, sportclubs en allerlei andere vormen van maatschappelijke inzet.

11. Hopelijk weten we allemaal, zonder in clichés te vervallen: het leven is geen rozengeur en maneschijn maar vaak wel hartstikke leuk. En dat je nu, als AOW’er, mag meemaken dat de burgemeester dit dictee voorleest … chapeau *** en een toost op deze leuke avond!

***Chapeau (met een hoofdletter) is ook goedgerekend

Eén reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *