Column: ‘Ondanks mijn waarschuwingen…:

(Illustratie: pixabay)

Van Pierre Tuning een bijdrage naar aanleiding van zijn onfortuinlijke buiteling in huis waardoor hij een behoorlijke tijd moest revalideren. Inmiddels is hij weer thuis waar hem een pennenstreek te binnen schoot van exact drie jaar geleden.

12-10-2023 474. Vallen

Door: Pierre Tuning. Er is natuurlijk veel belangrijker (wereld-)nieuws, maar soms zijn er krantenberichtjes die voor deze bejaarde Nederlander uiterst actueel zijn. Het volgende bericht deed mijn dichtader vloeien: ‘Opnieuw meer mensen overleden na een val,’ meldt het CBS. Het aantal sterfgevallen door vallen neemt opnieuw toe, en blijft met afstand de meest voorkomende niet-natuurlijke doodsoorzaak. Het aantal Nederlanders dat overlijdt na een val is vorig jaar met 15 procent gestegen. Gemiddeld vinden dagelijks 17 fatale valincidenten plaats. Het grootste deel van de sterfgevallen betreft ouderen van 80 jaar of ouder.’

Ik heb mij voorgenomen om in het vervolg steeds de aangesneden problematiek in de vorm van een rondeel weer te geven. (‘Gewoonlijk telt het rondeel acht regels en dan zijn de regels 1, 4 en 7 aan elkaar gelijk en de regels 2 en 8.’ – aldus de website poëzie in beweging.)

Waarom een ‘rondeel’? Ik knutsel tegenwoordig graag met een strakke, ouderwetse vorm op rijm, en de herhaling van zinnen geeft enerzijds het gedicht iets bezwerends, maar werkt ook ironisch en relativerend – precies wat de bedoeling is. ‘Ernst en luim,’ zal ik maar zeggen.
Daarom heb ik gemeend mijzelf en mijn leeftijd- en lotgenoten de volgende waarschuwing toe te dienen:

NEERGEDONDERD
Niet vallen, blijven staan, want als je valt, ben je de lul
Voor hele ouwe mensen is de rest maar flauwekul
Want als je komt te vallen, ga je bijna zeker dood
Niet vallen, blijven staan, want als je valt, ben je de lul
Van uitstel is geen sprake, je levenskans wordt nul
En wat de arts ook doet, je bent voorgoed verkloot
Niet vallen, blijven staan, want als je valt, ben je de lul
Voor hele ouwe mensen is de rest maar flauwekul

Begin dit jaar was dit mijn bijdrage aan de Gedichtendag;

VERANDERLEED
De morgenstond breekt hard door de gordijnen,
Een kille angst bekruipt het grauwe licht.
Verkreukeld is het lijf, het kraakt in elk;
Wie ik ooit was is langzaam aan ’t gewricht verdwijnen.

De kleren weet ik moeizaam om me heen te wrikken.
De toekomst is vergeten, ik moet naar de wc.
De trap kraakt in mijn kop, ik vecht met elke tree.
’t Ontbijt staat heel lief klaar om zomaar in te slikken.

Herinneringen zijn het brood van deze morgen.
Mijn stem klinkt hol, zoekt naar vergeten woorden.
Ik wil zo graag met jou naar paradijselijke oorden,
Maar onze daden zijn beperkt door vele mantelzorgen.

De rug steeds krommer en de knie stagneert bij ’t lopen.
Toch sta ik op, waarachtig, met de wil van toen,
Onhandig, niet om aan te zien, al jaren met pensioen.
Al ben ik niet meer die ik was, ik ben nog niet verzopen.

Ik dank mijn trouwe lezerschare voor hun medeleven…

Pierre

Eén reactie

  1. Blij dat er hier weer woorden zijn van je Pierre. Hou je haaks en blijf watertrappelen. Aalsmeer heeft je woorden nodig.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *